INGEZONDEN.

Oppersum, April '20
Geachte Redactie!

Onze afgevaardigde voor de j.l. gehouden A.V. is teleurgesteld teruggekeerd. Immers, de agenda kon door gebrek aan tijd niet worden afgewerkt, zoodat bij de rondvraag, die niet werd behandeld, hij zijn opdracht niet kon vervullen. De Afdeeling „Groningen" en in 't bijzonder het Bestuur der honigzeemerij Groningen en Omstreken, zou het op hoogen prijs hebben gesteld de vergadering mededeeling te doen, welke ervaring het Bestuur van bovengenoemde zeemerij bij den verkoop van hare producten heeft opgedaan.
In 't belang van den Nederlandschen imker meent het Bestuur der zeemerij de Redactie beleefd te verzoeken in het Maandblad eenige ruimte af te staan, waarvoor gaarne onzen dank.

Toen wij in het najaar van 1919 onze ruwe honig hadden verwerkt en den prijs van den honig met reuzensprongen zagen dalen, de verkoopscommissie niet de minste gelegenheid kreeg een bod te hooren, werd besloten zelf als koopman op te treden en onzen honig zelf bij de koekbakkers te verkoopen. 't Was in den beginne een moeilijk werk de koekbakkers te overtuigen, dat onze goed bereide inlandsche honig, ook al is de prijs soms hooger, in 't gebruik voordeeliger is dan de vele buitenlandsche soorten, waarvan sommige zeer zeker nooit de grens van ons vaderland hebben gepasseerd.

Het beste resultaat bereikten wij door de koekbakkers een monster van onzen honig te toonen, en dan met omzichtigheid het zoover te brengen om den honig, door den handel geleverd, met den onzen te vergelijken. Koekbakker en imker-verkooper waren het dan dikwijls eens, dat ze beiden het slachtoffer zijn van inferieure kooplieden. Vonden wij gelegenheid den draad iets verder uit te spinnen, dan drongen wij er bij den bakker op aan zich in verbinding te stellen met den keuringsdienst en het resultaat was soms verbluffend.

Een zeer groote firma, die zich in het vertrouwen van een zeer groot aantal koekbakkers in ons land mag verheugen, leverde bij een koekbakker een kwantum van plm. 1000 kilo Havana-honig. Onze koekbakker meende, dat bedrog bij deze firma niet mogelijk was, doch toen wij onzen honig met zijn soliden Havana gingen vergelijken, was dra tot arbritage-lichaam de keuringsdienst aangewezen. Tot resultaat kreeg onze zeemerij een flinken afnemer, want de Havana was een slecht soort kunsthonig.

Niet alleen met bakkershonig, doch ook met de flaconhonig was het soms bedroevend gesteld. Een collega, groot mobielimker, wiens honig in flacons bij vele groote comestibels-zaken prijkt, bleek hier in 't Noorden honig te leveren, welke niet door bijen was gewonnen. Voorts bezitten wij een collega, tevens handelaar in bijenhouders-gereedschappen, welke kunstraat in den handel brengt. Deze kunstraat is vervaardigd van grondstoffen, die na smelting en persing als een vuile massa, niet gelijkend op gewone was uit de pers vloeit.
Het Bestuur onzer zeemerij heeft den indruk gekregen, ja, is overtuigd, dat vervalsching en bedrog in bijenteeltproducten in ons land groot zijn en welig tieren.

Keeren wij naar onze laatst gehouden Algemeene Vergadering terug, waar reclame en tentoonstellingen van onze artikelen door verschillende Afdeelingen als de middelen werden aangeprezen om onzen honig duurder te maken. Ook wij wenschen deze middelen niet te bestrijden, doch zijn van meening, dat wij over goedkoopere en betere middelen kunnen beschikken om den inlandschen honig op beter peil te brengen.

Wanneer de Besturen der Afdeelingen als eerste punt op hunne agenda's plaatsen:
„Bestrijding honig- en wasknoeierijen"; de leden zich alle mobiel maken om honig en was op te sporen, welke vermoedelijk vervalscht zijn, om daarna met de keuringsdiensten deze vervalsching te bestrijden, dan meenen wij, dat wij zeer veel kunnen bereiken. De warenwet, die spoedig in werking zal treden, zal ons te hulp komen, en de Nederlandsche imker zal van een reeds te lang drukkend juk verlost worden.

Het Bestuur der Coöperatieve Honigzeemerij Groningen en Omstreken:
De secretaris: K. HEERSEMA, Loppersum.