Geeft de linde honig?
De heer L.J. van Rhijn te Wageningen verzocht in het December-nummer van ons Maandschrift van 't vorige jaar, blz. 141, hem verschillende vragen te willen beantwoorden of de linde honig geeft; deze vragen hebben betrekking op het jaar 1920. Daar ik hieromtrent reeds zeer nauwkeurige waarnemingen had over de beide voorafgaande jaren, meende ik goed te doen, hierover een afzonderlijk artikeltje te schrijven. Dit is dan tevens een aansporing voor hen, die dit jaar wenschen waar te nemen en hunne bevindingen aan den heer van Rhijn willen mededeelen, die op zijn beurt gaarne bereid zal zijn van de ingekomen antwoorden een verslag in 't Maandblad te geven.
De vragen waren de volgende en zullen door mij worden beantwoord:
1e. De hoogte, waarop de bijenstand gevestigd is (dit is alleen van belang voor bergstreken).
Antwoord: Ik woon hier op ongeveer 7,60 M. + A. P.
2e. Weke soort van linden komen bij u voor?
Antwoord: Grootbladige linde (Tilia platyphyllos).
3e. De grondsoort (leem-, zavel- of zandgrond).
Antw.: meest zavelgrond.
4e. Hoe is het vochtgehalte van den bodem?
Antwoord: vrij vochtig.
5e. Wanneer begon de linde te bloeien?
Antwoord: in 1918 op 28 Juni, in 1919 op 25 Juni (stond de beide jaren ongeveer tegen 6 Juli in vollen bloei).
6e. Hoe lang duurde de bloeitijd en hoe was het bezoek de bijen?
Antwoord: in 1918 tot 17 en in 1919 tot 18 Juli. Bezoek der bijen was goed.
7e. Hoe was de temperatuur en het weer?
Antwoord: Dit is zeer nauwkeurig in bijgaande tabel na te gaan.
8e. Was er behalve de linde, nog een andere dracht? Zoo ja, welke?
Antwoord: behalve op linde was er ook nog eenige dracht op korenbloem en klaver, doch dit was van weinig beteekenis.
9e. Is de honigmaag van een bij na haar bezoek van den lindebloesem, onderzocht? Antwoord: neen.
10e. Brachten de bijen alleen pollen van de linde?
Antwoord: hierop niet speciaal gelet, wel veel honig.
11e. Was er toename van honig tijdens den bloeitijd der linde zoo ja, hoe groot was die toename?
Antwoord: Is per dag in de tabel aangegeven; op 12 Juli 1919 werd zelfs 3,650 kilogram verzameld.
12e. Was er tijdens den bloeitijd der linde ook een zichtbare bladhonig op de linde en was de thuisgebrachte honig donkergroen van kleur?
Antwoord: Zoover ik weet niet, honig had groene kleur.
13e. Wat hebt ge voor bijzonders opgemerkt tijdens den bloeitijd der linde?
Antwoord: de linde honigt den geheelen dag.
14e. Welke waarnemingen hebt ge vroegere jaren gemaakt?
Antwoord: Deze vindt u in de tabel vermeld.

EENIGE TOELICHTINGEN BIJ DE TABEL:
De waarnemingen zijn verricht te "zomertijd", dit is één uur vroeger dan „zonnetijd".
Windkracht (Beaufort 0—10) wil zeggen 1 en 2 is zwakke, 3 en 4 matige, 5 en 6 krachtige wind enz.
Bewolking (O—10) wil zeggen 0 is helder, 1, 2 en 3 licht bewolkt, 4, 5 en 6 half bewolkt, 7, 8 en 9 zwaar bewolkt, 10 betrokken.
Imkers, die wat meer willen weten van de waarnemingen op de observatiestations voor Bijenteelt in Nederland, moeten vooral niet verzuimen een abonnement te nemen op „de Bijenteelt", uitgevers-maatschappij Gebrs. Zomer & Keuning te Wageningen. In dit tijdschrift worden verschillende waarnemingen van deze stations opgenomen en in beeld gebracht, welke in ons Maandschrift niet geplaatst kunnen worden.
A. ONK, Wansveld.