Bijenplanten.

Het is de bedoeling een lijst van de planten te geven, die in ons land voorkomen en onze bijen voedsel geven. De cijfers achter iedere plant geven aan de nectar, daarnaast de pollen. (4 is overvloedig, 3 goed, 2 matig en 1 gering).

De planten zijn alfabetisch en maandsgewijze gerangschikt. De Nederlandsche naam staat vooraan, de wetenschappelijke naam er achter om verwarring te voorkomen. Veel planten heb ik zelf gezien, maar niet alle, de flora is soms plaatselijk bijv. de zeeaster ken ik alleen uit Berden op Zoom. Ik ben van meening, dat bijen fourageeren, waar wat voor hen te halen is. Eenige druppels honig ergens neergelegd worden spoedig door bijen gevonden en meegenomen, Is er ergens een rijke bron van nectar, dan komen er vele bijen fourageeren, naar een kleine bron gaan slechts enkele.

De nepeta mussini, een prachtplant voor randen, bloeit de geheele zomer en altijd zijn er bijen op de bloemen. Natuurlijk wordt daardoor de honigkamer niet vol, maar het draagt toch bij tot de voorraad. Is er nog weinig te halen, dan ziet men soms meerdere bijen op dezelfde bloem, vooral in het vroege voorjaar, dat is een teeken van gebrek. Zelfs bij gunstig weer en volle dracht ziet men bijen op een kleine groep van planten bijv. een perk met vergeet-mij-niet, de jonge bladen van de laurierkers enz. Nu is er geen sprake van gebrek. Vermoedelijk geeft de smaak van de nectar den doorslag.

De zwaluwtong groeit verspreid, meestal zag ik de planten op afstanden van elkaar staan. Komt er een bij op de bloemen, dan zal zij bij het vertrek de naastbij gelegen plant opzoeken. Bijenplanten vindt men feitelijk overal. Er is dikwijls een opvallend verschil tusschen de soorten van een familie; niet alle wilgen hebben voor nectar en pollen 4, de groot- en kleinbladige linde geven minder dracht dan onze Hollandsche linde, de boerenjasmijn geeft minder nectar dan de philadelphia lemoinci enz. Bij aanleg van tuinen of parken, dient men daar rekening mede te houden.

Andere soorten van een familie zijn alle gelijkwaardige bijenplanten, bijv. dennen, sparren geven alleen stuifmeel, de dwergmispels (er zijn veel soorten) geven alle rijkelijk nectar, de eerenprijs geven alle matig nectar en pollen. Opgegeven zijn o.a. rogge voor stuifmeel, het herderstaschje en enkele grassen; maar zelf heb ik het nimmer waargenomen, misschien was een ander gelukkiger.
Wageningen,
L.J. van Rhijn.