Beknopt verslag van de Hoofdbestuursvergadering van 28 Aug. 1925.
De vergadering werd gehouden in Hotel de la Station om 11 uur v.m.
Van den Heer Emmens was bericht ingekomen, dat hij niet eerder kon komen dan 1 uur.
Mede waren aanwezig de beide Rijksbijenteeltconsulenten.
De Notulen werden onveranderd goedgekeurd.
Aan de orde verkiezing van een Voorzitter. De Heer Ebbinge Wubben verzoekt den Voorzitter zich een oogenblik te willen verwijderen en vraagt of het niet wenschelijk is, dat we met de stemming wachten tot 1 uur, daar dan zeer waarschijnlijk de Heer Emmens aanwezig zal zijn.
De Heer de Visser zegt, dat hij om persoonlijke redenen, welke hij nader toelicht, op dat uur niet ter vergadering aanwezig kan zijn en het wachten dus geen raison zou hebben.
De vergadering wordt voor eenigen tijd geschorst, terwijl de Voorzitter zich verwijdert.
Na terugkomst van den Voorzitter wordt gestemd. Uitgebracht 9 stemmen.
Op den Heer A. van der Flier te Voorburg werden uitgebracht 5, op den Heer Wigman 3 en op den Heer Ebbinge Wubben 1 stem, zoodat eerstgenoemde gekozen blijkt te zijn.
De Voorzitter verwondert deze uitslag niet en zal dan ook dadelijk heengaan. Staat zetel gaarne aan zijn opvolger af en hoopt, dat deze de Vereeniging tot bloei zal kunnen brengen.
Het scheiden valt spreker niet zwaar; wel van sommige leden en van de ambtenaren. De Heer Wigman verlaat vervolgens de vergadering.
Bij de stemming voor een plaatsvervangend Voorzitter krijgt de Heer Ebbinge Wubben 7 en de Heer Beil 1 stem.
Op voorstel van den Heer Frankenhuis, wordt den Heer v. d. Flier telef. bericht gegeven van zijne benoeming, en hem gevraagd zoo eenigszins mogelijk kennis te komen maken met het H.B.
Aan de orde voorstel de Visser overdracht redactie Maandschrift aan het Secretariaat.
Dhr. Beil vraagt, of hij even het woord mag over den afgetreden Voorzitter. Spreker kent den Heer Wigman in het Vereenigingsleven sedert jaren en wenscht hem hier met een enkel woord te bedanken voor hetgeen hij vooral in de eerste jaren voor de Vereeniging gedaan heeft.
De Heer Emmens, intusschen ter vergadering gekomen, zal zich bij de beslissing van het H.B. neerleggen, hoewel het hem spijt, dat het zoo geloopen is. Spreker legt zich bij de benoeming neer, hoewel niet van ganscher harte.
Dhr. de Visser licht zijn voorstel toe. Wij moeten op zuiniger voet in onze vereeniging gaan leven en nu we kunnen profiteeren van den Secr. welke met de redactie van een tijdschrift vertrouwd is, vindt spr. dat de ƒ 400.— voor een Redacteur weggegooid geld zijn. Spreker is er niet tegen eenige vergoeding te geven, maar vindt ƒ 400.— veel te veel.
Voorzitter deelt mede, dat dit voorstel in de D.B. een punt van besprekimg heeft uitgemaakt en aan Joustra gevraagd, wat die er van dacht.
Deze stelde zich op het standpunt, dat wanneer het H.B. hem deze taak zou opdragen, hij zich er niet aan zou onttrekken, maar dat hij liever de Redactie niet waarnam.
De Heer Frankenhuis voelt niet veel voor het opdragen van de Redactie
aan den Secretaris; wel is het hoogst noodzakelijk, dat het Maandschrift verbeterd wordt. De bezoldiging kan echter verminderd worden, omdat bezuinigd moet worden.
Dhr. Versteeg zegt, dat als vaststaat, dat bezuinigd moet worden, dan rijst een 2e vraag, n.l. zullen we het opdragen aan den Secretaris?
Spreker vindt het vreemd, dat deze in de Practische Imker schrijft, welk blad toch een concurrentieblad van dat der Vereeniging is.
Dhr. Frankenhuis meent, dat de ambtenaren vrij moeten gelaten worden, wat zij in hun vrijen tijd wenschen te doen.
Dhr. Emmens zegt, dat velen een heel verkeerden meening hebben van wat een Vereenigingsorgaan behoort te zijn. Het kan geen wetenschappelijk blad zijn, daar zijn andere particuliere organen meer toe aangewezen. Het moet een praatorgaan zijn, dat den band onder de leden moet vast houden. Men zegt wel het papier is slecht, maar het uiterlijk doet niet zooveel ter zake. Voor spreker is het geen bezwaar, dat de Secretaris tevens het Redacteursschap waarneemt en ook zou hij hem daar wel een hoogere bezoldiging voor willen geven, maar vindt ƒ 400.— wel wat veel.
Dhr. v. d. Berg hoort met verbazing den Heer Emmens aan, welke misschien de gevoelens van Drente niet verkondigt, maar spreker spreekt namens een 6 tal afdeelingen, welke wel degelijk bezwaren hebben tegen inhoud en uiterlijk van ons orgaan.
Voorstel de Visser afschaffing Redacteur en benoeming van den Secretaris als zoodanig met 1 Januari a.s., voorloopig zonder vergoeding, komt in stemming.
Vóór stemmen de Heeren v. d. Brink, Versteeg, Schaafsma, Ebbinge Wubben en Frankenhuis: tegen de Heeren Beil en v.d. Berg, zoodat het vooorstel is aangenomen.
Over de uitgifte van het Maandschrift wordt thans langdurig gesproken.
Dhr. v.d. Berg heeft geen bezwaar, dat met den tegenwoordigen drukker overleg gepleegd wordt, maar indien deze niet op dezelfde voorwaarden kan drukken als spreker hier een voorstel ter tafel legt, dan stelt hij voor, van drukker te veranderen.
Dhr. Versteeg zegt, dat een voorstel af moet zijn. We moeten weten zoo of zoo is de prijs. Als de drukker het recht krijgt advertentiën op den omslag te plaatsen, dan weten we nog niet waar we aan toe zijn.
Besloten wordt het D.B. te doen regelen.
Aan de orde Instructie Dir. Handel. Met enkele wijzigingen goedgekeurd.
Idem Secr. penningmeester; zal aangevuld worden met redactie Maandschrift.
Idem rondschrijven enkele H.B. leden over verandering van accountant
Voorzitter zegt, dat het D.B. onderhoud had met acc., doch dat deze zegt, dat indien iemand het goedkooper doen wil, hij er geld bij zal moeten leggen.
Dhr. Versteeg vindt ƒ 500— voor een acc. veel meer, dan de vereen. kan en mag dragen. Spreker vraagt, is het wel noodig een acc., kan het H.B. zelf niet controleeren?
Besloten wordt den acc. eervol te ontslaan en tzt. een oproep voor een anderen accountant te plaatsen, of onderling overleg te plegen met een zakenbureau.
Aan het Dag. Best. wordt overgelaten een examencommissie te benoemen.
Om 3.30 komt de Heer van der Flier binnen en wordt door dhr. Ebbinge Wubben hartelijk welkom geheeten.
De hr. v.d. Flier hoopt, dat degenen welke hem tot Voorzitter uitverkoren hebben geen berouw van hun daad zullen krijgen en zelf hoopt spreker ook, dat hij zijne bereidverklaring niet zal behoeven te betreuren. Spreker noemt het een zeer eervolle onderscheiding, hoewel bij hem meer het mooie van de taak, dan wel de eer aanlokt.
Spreker hoopt, dat zij, welke liever een ander op zijn plaats gezien hadden, op den duur vrede zullen hebben met zijne benoeming.
Terwijl de heer Ebbinge Wubben het Voorzittersschap blijft waarnemen,
komt aan de orde benoeming commissie statutenwijziging.
Tot de commissie werden benoemd de Heeren A. van der Flier, F.A. Ebbinge Wubben en S.A. de Visser, terwijl de Heer Joustra aan de commissie toegevoegd wordt als secretaris, een adviseerend lid.
Verschillende ingekomen stukken komen aan de orde, welke voor kennisgeving worden aangenomen.
Niets meer aan de orde zijnde sluit de Voorzitter de Vergadering.