Broedziekten.


Over de meest voorkomende ziekten in de bijenwereld is reeds veel medegedeeld, toch laat zich altijd nog wel een en ander herhalen, omdat het doel is de welvaart der bijenvolken, wat een onmisbare factoris.

De oorzaken zijn parasieten, die zich voordoen als:
Bacteriën: staafjes van allerlei vormen: lang, dik, hoekig, slank, kort, met tweedeelige voortplanting, middendoor brekende, met voortdurende verdere verdeeling in twee. Deze bacteriën verhinderen den groei.
Bacillen: dit zijn bacteriën met sporenvorming of zaaddragende staafjes, die tegen hitte bestand zijn. Het staafje sterft af, de spore blijft over. Ook bacillen komen in verschillende vormen voor, zoowel hoekig als met rondingen.
Coccen: klein en rond, die zich tot ketens en hoopen samenvoegen.
Deze parasieten zijn microscopisch te onderzoeken en bevinden zich in de uitwerpselen. Om zich van de darmen en kotblaas meester te maken wordt de bij met pincet bij de borstkas aangevat, met een tweede pincette wordt het kopje en de pooten afgenomen, van leven is natuurlijk geen sprake meer. Op de plaats waar de angel zich bevindt, wordt met de tweede pincet de kotblaas, met dunnendarm en middendarm uitgetrokken; en de stevigheid van dit drietal is merkwaardig. De inhoud hiervan laat zich verder gemakkelijk onderzoeken, en is de vergaarplaats bij alle oorzaken der ziekten van volwassen bijen en aankomend broed.

De Koningin blijft gewoonlijk onaangetast, en ook darren blijken groot weerstandsvermogen te bezitten en moet de overmatige werkkracht der arbeidsters wel een der oorzaken zijn, waarom zij aan besmettingsgevaren zoozeer zijn blootgesteld. Behalve de oorzaken, die de natuur hiervoor oplevert, zijn honger, koude en tocht aangewezen redenen voor verzwakking; honger is wel de grootste vijand; levert de natuur niet veel op, dan eischt zulks tegemoetkoming.

Ziet de imker de achterlijfjes der bijen uit de cellen steken, dan is de vijand aan het woord, hetgeen eindigt met het vernietigen van broed, omdat de toekomst geen waarborg voor levensonderhoud aanbiedt. Extra voedsel geven is dus plicht, en beter is het geen bijen te houden wanneer de middelen tot instandhouding ontbreken. Niet genoeg kan overtuigd worden, dat de bijen recht hebben op een deel van den veroverden honing. Dit is eene voorwaarde, wil de imker van de deugdelijkheid zijner volken verzekerd zijn.

Gebrek aan voedsel, brengt geen warmte in het bloed, veroorzaakt gevoeligheid en heeft uitsterven ten gevolge, zelfs in zomermaanden. Het is oorzaak dat de bijen elkander doodbijten en zich niet als verschillende volken, al neemt men ook voorzorgsmaatregelen, tezamen laten voegen. De onvoldoende bloedwisseling is bovendien oorzaak der broedziekten, waarover onderstaande tabel.

De langzaam degenereerende giftklieren der bijen bevatten niet meer die bestanddeelen, die tot het desinfecteeren der cellen dienen, bestemd tot het opnemen van nieuw broed. De oorzaak kon zelfs reeds in het vorig jaar schuilen, wanneer te weinig bijen aanwezig waren om in Augustusmaand voor winterprovisie te zorgen.

Het zieke broed komt in tweeërlei karakter voor, het kan als verkouden broed beschouwd worden en is goedaardig of kwaadaardig van karakter. De goedige influenza wordt door de streptococcus apis veroorzaakt; deze maakt het broed droog en kruimig en moet verwijderd worden, om niet gelegenheid te geven in Bacillen-alvei over te gaan, die de huid ontbinden en stinkend maken. Bij het uithalen der door bac. alvei aangestoken larven komt eene schurftige, draderige massa te voorschijn, welk proces na den broeddood plaats heeft. Het is noodig de koningin over te brengen in eene frissche omgeving, opdat zij haar werk niet tevergeefs doet. De aangestoken raten moeten uitgesneden of vernietigd worden.

De streptococcus apis maakt de dekseltjes van het broed deukerig, de larven sterven gedekseld. Wil men het broed microscopisch onderzoeken dan moeten de wasdekseltjes zeer voorzichtig met benzine of ander was oplossend middel verwijderd worden, terwijl de inhoud onmiddellijk bearbeid moet worden, opdat de lucht geen invloed kan hebben. Van het grootste belang is het, deze broedziekte bijtijds te onderscheppen, en de volken door tijdige behandeling voor ondergang te sparen.

Van ernstiger aard is dec nymphenpest, die door de bacillus Brandenburgiensis veroorzaakt wordt in den middendarm, die een nog blinde zak is zonder einde in den endeldarm, en door de smetstof tot ontbinding overgaat, en de huid van geel tot koffiebruin kleurt. De made verteert geheel en al, in de dekseltjes vallen kleine openingen, waardoor de ziekte uitwendig te onderscheiden is.

De bac. Brandenburgiensis kan tot 20 jaar voortwoekeren en volken ondermijnen, die steeds minder vlieg- en draagkracht toonen. Geen salicylzuur, paprika, lysol, tabaksrook, soda-oplossing, koffie-extract of sublimaten kunnen dezen vijand vernietigen. Slechs formalin-gas kan invloed hebhen, doch het middel is niet betrouwbaar, reden waarom het verbranden als radicaal aanbevolen moet worden. In Duitschland zorgt de Staat hiervoor.

Wanneer de bijenhouder zich onbevoegd tot oordeelen acht, heeft hij zich aan te melden en een gelastigde komt den bijenstand opnemen en raad geven. Is verbranden noodig of desinfecteeren, dan gebeurt zulks op Staatskosten. Afzwavelen, verbranden der besmette woningen, lijkverbranding, alles geschiedt op order en het is bekend, de Duitsene bijenteelt kan genoemd worden.

Zieke bijen, (lichte aandoeningen), moeten in zwermtoestand afgezonderd, vier en twintig uur in het donker geplaatst in een kelder en op dieet gehouden worden om daarna in een gedesinfecteerde ruimte of nieuwe woning overgebracht te worden, opdat ernstiger complicatiën voorkomen worden. De nieuw te geven ramen moeten slechts aanvangende raat bevatten, opdat door arbeid de nog aanwezige ziektekiemen verwerkt worden; hierin wijst de natuurtoestand den weg, waarin de bijenvolken alles zelf produceeren.

Steenbroed is ook nog een verschijnsel in de aankomende geslachten en wordt veroorzaakt door een schimmelinfectie en is zeer moeilijk te bestrijden. Deze Perisystismykose valt eieren en broed aan, spint zich in, vult de ruimte der cel en vernietigt alle levensimpuls der bijenwereld, die als 't ware versteent.
De voorjaarsbehandeling is van het grootste gewicht voor de welvaart; vochtig weer mag niet in aanmerking komen voor het verruimen der kasten en schoonmaken van woningen in het algemeen.

C.H. F.