Vreemd geval.
Ik heb een bijenkast waarvan de broedkamer is hoog 28½ bij 34-32. Broedraampjes 29 bij 23. Honingkamer is hoog 26½ bij 34-32. Honingraampjes 29-15½.
In die kast was een oude zwerm, waarvan het werk in de broedkamer van 1925 was. Die kast heb ik 8 Aug. naar de hei gebracht, goed bevolkt en heelemaal vol broed. In de honingkamer had ik nog ongeveer 3 pond honing zitten. De kast was erg zwermlustig, zoodat ik er een rooster had voorgedaan.
Den 10 Aug. werd nagekeken en de moerdoppen weer verwijderd. Toen ik den 15 Aug. er weer bij kwam waren alle bijen dood, broed en honing lag allemaal in stukken; door de kast, zoodat er niets meer over was, Daar het mij een donkere zaak is, wou ik hierover eens gaarne uitlegging van hebben en dat dan in het eerstvolgende maandblaadje eens uitgelegd wordt.
Voorst bij Zutphen,
J. HULLEMAN,
Woning 99.
NASCHRIFT REDACTIE.
Even donker als deze zaak is voor den inzender, even donker is zij voor de Redactie. Het komt meermalen voor, dat bij onoordeelkundig vervoer bijenvolken zich warm loopen en de geheele inhoud van korf of kast een brijachtige massa is.
Wat hier gebeurd is komt zeker zelden voor en wij zouden geneigd zijn te gelooven, dat hier opzet van buiten in het spel is, maar zooals gezegd is dit door Redactie niet te beoordeelen, daarvoor mist zij de zoo noodzakelijke speurdersneus.
Red.