Sprokkelingen uit het Buitenland.

door A. OONK te Warnsveld.

CALIFORN1Ë:

Volgens „Gleanings" was in 1923 in Californië, speciaal in Zuid-Californië de honigoogst zoo slecht, als sedert jaren niet is voorgekomen. De oranjeboom gaf weinig en de salie nog minder, omdat er gebrek aan regen was en de koloniën niet goed waren verzorgd. Eenige streken, welke in gunstige conditie verkeerden, gaven nog een klein overschot op de limaboonen of sterdistel, maar over 't algemeen stonden de bijen begin Juli op 't punt om te verhongeren. Intusschen zijn duizenden volken omgekomen en duizenden anderen zijn zoo zwak en hebben zooveel geleden, dat men ze haast niet in het leven zal kunnen houden, indien men ze ook sterk voerde. Drie bijenhouders hebben reeds van 100—150 volken verloren en drie anderen hadden al van 1000—3000 Kg suiker gekocht om te voeren. Al het mogelijke wordt nu gedaan om verder verlies te vermijden, welke niet alleen de bijenhouder bedreigt van Zuid-Californië, doch ook vooral de groote fruitkweekerijen in dat land met het oog op de bestuiving.

BULGARIJE:
De honigoogst was dit jaar in Bulgarije middelmatig. Eerst in de laatste maanden werd zooveel binnengebracht, dat er voldoende wintervoer voorhanden is. Ziekten kwamen niet voor. De ziekten ontwikkelen zich, wanneer de bijen honger lijden, zooals ook bij den mensch het geval is. De moderne bijenteelt gaat slechts langzaam vooruit, omdat de volken duur zijn. Uit Oostenrijk werd het zoogenaamde pavilioen-systeem ingevoerd, maar dat kost ook veel geld. Pershonig is gezocht voor 't bereiden van kunstwijn. De imkersvereeniging „Nektar" in Sofia heeft zich de moderniseering van de Bulgaarsche bijenteelt, zoowel als het verstrekken van goede imkersartikelen aan de bijenhouders tot taak gesteld.