Overzicht der scheikundige samenstelling van den in Nederland
verkochten honing over het jaar 1928.

door Dr. H.W. DE BOER.


(II)


Keuringsgebied Friesland :
In totaal zijn 11 monsters honing en vijf monsters kunsthoning onderzocht. Van de eerstgenoemde waren er enkele in gisting en bleken enkele andere kunstmatige invertsuiker te bevatten. Twee der monsters kunsthoning bevatten te veel water.

Keuringsgebied Goes:
Van de 41 monsters honing die onderzocht werden, voldeden er 37 aan de gestelde eischen. Een monster, afkomstig van een oude partij, gaf een sterke reactie volgens Fiehe; ook bleken diastatische fermenten afwezig te zijn. De verkoop van deze waar werd toegestaan, mits voorzien van de aanduiding „Kunsthoning". Een tweede partij had een dergelijke samenstelling. Daar de verkooper bezwaar had om kunsthoning te verkoopen, werd hem toegestaan deze partij aan den grossier terug te zenden. Het vierde monster bevatte veel stuifmeel, wasdeeltjes en bijenfragmenten. De verkoop van het partijtje, waarvan dit monster afkomstig was, werd als consumptieartikel verboden. Daar de verkooper bijenhouder was, werd hem toegestaan deze honing als bijenvoer te gebruiken.

Keuringsgebied den Haag:
Van de monsters honing bleek er één geconserveerd met benzoëzuur. Eén monster honing, welke ongeveer 12% zand bevatte, is uit de consumptie verwijderd.

Keuringsgebied Groningen:
Van de 22 monsters onderzochte honing verkeerde 1 in gisting: 2 monsters bleken vervalscht te zijn met resp. 54 en 62% zetmeelstroop (glucose-stroop.) De betreffende partijen werden in beslag genomen en tegen den bereider werd proces-verbaal opgemaakt.
Bij dezen werd ook honing in de raat aangetroffen, die vervalscht bleek te zijn met 70 à 80% glucosestroop. Hij had de bijen zelve de vervalsching laten uitvoeren, door dezen een mengsel van glucosestroop en eenige honing voor te zetten, dat dan door de dieren in de korven werd gebracht.
Op een andere staat in het verslag van den Keuringsdienst van Waren te Groningen lezen we, dat G. S. te Noord-Laren, gemeente Laren, is veroordeeld tot een boete van ƒ 100.— of 50 dagen hechtenis, wegens het verkoopen van honing, vervalscht met zetmeelstroop (d. i. glucosestroop).

Keuringsgebied Haarlem:
Op de 31 monsters onderzochte honing waren geene ernstige aanmerkingen te maken.

Keuringsgebied ’s Hertogenbosch :
In 2 van de 21 onderzochte monsters honing was de reactie van Fiehe positief; 1 dezer monsters was van Engelsch fabrikaat. Een ander monster was geconserveerd met benzoëzuur.

Keuringsgebied Leiden:
De onderzochte monsters honing voldeden aan de gestelde eischen met uitzondering van één, dat met benzoëzuur bleek te zijn geconserveerd.

(Wordt vervolgd).