
(Vragen te richten tot den heer A. Oonk, Warnsveld)
Vraag 7. Ik kocht het vorige jaar een Rietsche kunstraatpers. Hoe maak ik nu de platen zoo dun mogelijk en hoe houd ik ze, dat ze niet hard worden, waarmede ik verleden jaar nogal last had.
P.J. M. te A.
Antwoord: Om de platen zoo dun mogelijk te gieten, moet U zorgen, dat het was in de smeltpan geheel gesmolten en flink heet is; het moet echter niet koken. Het vertrek, waarin gegoten wordt, moet eveneens goed warm zijn. Verder moet U zorgen, dat de pers zuiver waterpas staat, want, als deze iets naar een kant overhelt, worden de platen aan de eene zijde te dik. U tracht steeds zoo vlug mogelijk te werken bij het ingieten van was in de pers en dan het deksel stevig erop drukken. Op deze manier kunt U de platen vrij dun krijgen, doch toch lang niet zoo dun, als die, welke met de wals worden gemaakt.
Een lastiger vraag is, hoe houd ik de platen, dat ze niet hard worden? Zelf gegoten platen zijn altijd veel breekbaarder, dan gewalste, welke U koopt.
Als U de door U zelf gegoten platen gaat gebruiken, moet U ze vóór het gebruik altijd even verwarmen, of als de zon schijnt een tijdje in de zon leggen; ze worden dan mooi zacht. Als U de platen in de raampjes wilt zetten, doet U dat weer in een warm vertrek. Indien U deze werkwijze niet vooraf doet, hebt U gemakkelijk kans, dat de platen breken.
Vraag 8. Vorig jaar zwermde een mijner kasten met geknipte koningin en tegelijk ook een korf met jonge onbevruchte moer. Beide zwermen vlogen bij elkaar aan en vormden één zwerm, welke geschept werd. Na korten tijd evenwel vloog de zwerm weer uit den korf en trok op den ouden korf terug met al de zwermbijen uit de kast. Hoe moet ik nu handelen om den zwerm zulks te verhinderen, omdat ik de bijen weer gaarne op de kast wilde hebben?
H. K. te D.
Antwoord: U hadt den ouden korf moeten wegnemen en dezen op een andere plaats kunnen zetten. Op de plaats, waar de oude korf stond, had men een legen korf kunnen plaatsen en in de kop van dien korf de oude geknipte koningin uit de afgezwermde kast in een kluisje kunnen doen en dit kluisje vaststeken. Al de bijen trekken nu op dezen korf terug en omdat er een koningin in aanwezig is, blijven de bijen in den korf. 's Avonds kan men de bijen uit den korf in een wan stooten en ze weer op de afgezwermde kast laten loopen. De geknipte koningin in het kluisje kunt U dooden, als U haar niet wenscht te behouden, of anders voor een ander doel benutten. Den ouden afgezwermden korf kunt U, nadat de bijen in de kast zijn getrokken, weer op zijn oude standplaats terugzetten, als U dit verkiest.
Vraag 9. Kan ik 's zomers een oude koningin uit een kast nemen en deze direct door een jonge bevruchte verwisselen?
H. B. te D.
Antwoord: Als het volk geen zwermplannen in het hoofd heeft, gaat een verwisseling zeer goed. Zijn er zwermplannen aanwezig, dan heeft een verwisseling geen doel. Ik ging steeds als volgt te werk:
De kolonie werd eerst nagezien, of zij geheel vrij van zwermplannen was. Was dit het geval, dan ving ik de oude koningin er uit en legde direct een jonge bevruchte koningin in een kluisje boven in het midden van de broedkamer tusschen de bijen. Na verloop van 24 uur onderzocht ik de kast of de bijen vreedzaam om het kluisje zaten. Was dit het geval, dan liet ik de koningin los en zette zij het werk van haar voorgangster voort. Ik deed deze verwisseling steeds, als er dracht was en dan ging het altijd uitstekend. In tijden zonder gewin, zou men het volk wat voeder kunnen toedienen, als de moer in het kluisje opgesloten zit. De bijen komen door die voedering in een behaaglijke stemming en zullen de koningin vlugger aannemen.
A. OONK.