EEN HANDIG EN GOEDKOOP BEVRUCHTINGSKASTJE.




De lange winteravonden zijn er weer. In gedachten zie ik menig Imker, na volbrachte dagtaak, in zijn geïmproviseerde werkplaats aan het knutselen. Ik heb het dan ook altijd een der grootste bekoringen van onze liefhebberij beschouwd om verschillende dingen, bij de behandeling onzer lievelingen zelf te maken.
Welnu dan, met dit artikeltje kom ik ook met wat werk voor de winteravonden voor U aandragen. Ik ben er zeker van, dat niet alleen dit werk, maar ook het gebruik er van, U veel genoegen en voordeel zal verschaffen.
Toen ik, voor vier jaren terug, na een lange onderbreking, weer met de koninginneteelt begon, moest ik mij opnieuw verschillende gereedschappen hiervoor aanschaffen waaronder ook bevruchtingskastjes. Vroeger gebruikte ik altijd de Graze-kastjes. Bij navraag bij den Imkersgereedschappenhandel kosten deze f 3.— per stuk. Een honderd procent verhooging bij 1914. Ik dacht er niet aan om een dergelijk bedrag te besteden, temeer niet omdat ik er een twaalftal stuks wilde aanschaffen. Ook was het Graze-kastje mij altijd te klein geweest. Ik zette mijn geheugen eens een tiental jaren terug en herinnerde mij, te H. ook al met het experimenteeren voor een practisch, eenvoudig en goedkoop bevruchtingskastje, bezig te zijn geweest. Ik toog weer aan het passen en meten, en er werd hiermee menig lange winteravondtijd versleten.
Het product er van ziet U uit bijgaande foto's. Vier jaar heb ik dit nu in ‘t gebruik, en kan tot mijne voldoening verklaren, dat dit kastje mij alleszins voldoet. Niet alleen bij de koninginneteelt maar ook bij het verzenden der bevruchte koninginnen, welke altijd door mij in en met het kastje waarin ze bevrucht is, en al de bijbehoorende bijen, wordt verzonden. Een klein volkje dus.
Herhaaldelijk bleek het mij ook dat er behoefte bestond aan een goedkoop bevruchtingskastje. Tenminste meer dan de helft van de kastjes, welke ik verzond en voor ƒ 1.50 op rekening werd gezet, werden niet teruggezonden alhoewel dit iedere besteller van een koningin, bij mij voor dezelfde prijs steeds kan doen. Een der grootste voordeelen van mijn kastje, boven het Graze, is dat men een bevruchte koningin er langer in vast kan houden. De inhoud is grooter en is er dus meer ruimte om raten te bouwen.

We laten nu de maten volgen. Men neemt hiervoor droog hout, kwastvrij en 1½ c.M. dik. Men heeft noodig 3 plankjes 28x15 c.M., 3 st. 15x12 en 3 st. 15x10; verder drie latjes van 15x2½ c.M. met een inkeping om er een stukje voorbouw in vast te zetten. Dan een stukje vliegengaas 12x14 c.M., 4 haakjes met schroefoog een stukje koninginnerooster, en natuurlijk de noodige spijkers. In een der plankjes 15x12 maakt men een rond gaatje, wat U met het stukje koninginnerooster afsluit, en wat dienen moet om de bijen toegang te geven tot de voederruimte. Ge zult wel begrijpen, dat het afsluiten van dit ronde gaatje ten doel heeft om de koningin geen toegang tot de voederruimte te geven. Verzuimt men dit stukje rooster aan te brengen, dan trekt zich meestal en vooral bij koud weer, de koningin in deze kleinere ruimte, welke natuurlijk warmer is, terug. In het voorste plankje maakt ge een kleine vliegopening. De drie plankjes 15x10 spijkert ge op den bodem vast, na alvorens het stukje vliegengaas in het midden te hebben vastgemaakt, met punaises b.v.

Het middelste plankje spijkert men niet vast (zie X). Op de buurtplankjes spijkert men een paar L spijkertjes zooals de electriciëns die gebruiken bij het vastzetten van een dunne leiding. Met dit losse plankje sluiten we, zoo noodig, het vlieggat af waarvoor we op de gewenschte hoogte een schroefhaakje aanbrengen. Van de drie latjes 15x2½ zetten we de middelste vast aan den deksel, de twee buitenste met een schroef. Hierdoor worden de twee buitenste raten beweeglijk, wat het uitzoeken der koningin, of de inspectie naar eieren, vergemakkelijkt.
Bovenstaande beschrijving blijkt veel grooter dan de uitvoering in werkelijkheid is. Hebt u de plankjes op maat laten zagen dan gaat de rest als van zelf. Zijn ze klaar, vergeet dan ook een streekje verf niet.
Wat de prijs van dit kastje betreft kan dit door den handel voor ƒ 1.- à ƒ 1.10 geleverd worden zoodat er nog een behoorlijke winst overblijft. Wanneer een afdeeling voor hare leden voor een vijftigtal stuks de plankjes op een houtzagerij direct op maat laat zagen, dan kosten ze natuurlijk veel minder. Bij een kleine electrische timmerfabriek bij mij in de buurt, waar ik hiernaar informeerde, wilde deze ze aanmaken, bij 50 stuks voor 70 cent, en bij 100 stuks voor 65 cent, per stuk. Aan het werk dus!

En nu het gebruik ervan. U hebt in den zwermtijd een volk dat altijd boven Uw andere volken heeft uitgeblonken, en waarvan U gaarne de koninginnen zoudt willen gebruiken; welnu dit kastje komt U gaarne te hulp. Voor dat U het kastje met jonge bijen bezet maakt U eerst het noodige suikerdeeg. Poedersuiker met warme honig (4x1 Red.) tot een deeg kneeden en hiermee de voederruimte vullen. Hebt ge rijpe cellen dan bevestigt ge deze met vloeibare was, in de hiervoor verkrijgbare houten napjes met punt, en steekt die in het middelste latje en wel méér naar de kant van het voederbakje. Gebruik bij deze bewerking zoo weinig mogelijk rook, nooit de carbollap, en zorg dat Uwe handen pijnlijk schoon zijn. Verplaatst U op dat moment even op het standpunt van den Chirurg en bedenk dat ge aan het hart van Uw bijenvolk, de koningin, een gewichtige operatie verricht.
Dit zijn kleinigheden, schijnbaar zonder nut, maar bij het gebruik zult U zien dat het uit de practijk geleerd is. Een jonge koningin kunt U zonder meer bij de bijen voegen. Het middelste bodemplankje zet U voor het vlieggaatje, draait het schroefhaakje om, en het kastje is bijendicht afgesloten. Minstens vier dagen zet ge de bevolkte kastjes op een donkere plaats en tegen den avond zet ge ze buiten, nadat U het afsluitplankje hebt weggenomen en weer op zijn bodemplaats gebracht. Na een dag of tien, niet vroeger, kunt U op eieren onderzoeken en dan de koningin naar believen gebruiken.

In aansluiting met bovenstaande wil ik U tevens met de methode bekend maken, waarnaar ik al jaren lang mijne koninginnen toevoeg, onverschillig in welk jaargetijde, en mij nog nooit één koningin is verongelukt. Zelfs dure Raskoninginnen, welke ik uit Zwitserland heb betrokken, of de geselecteerde van den Stam Oestram van Joustra, heb ik op deze wijze "omgewisseld", wat volgens vele Imkers nog moeilijker is dan om een moerlooze te helpen.
Het volk waarvan ge de koningin wilt verwisselen neemt u, raat voor raat, uit elkaar, en hangt de raten in volgorde zoo verre uit elkaar dat de bijen, van de respectievelijke ramen, geen communicatie met elkaar hebben. Hoe verder uit elkaar dus, hoe beter. Het raampje waarop ge de koningin vindt noteert ge extra. Ge vangt de oude koningin af en laat het volk, een kwartier minstens, aan zijn lot over. In dien tusschentijd neemt ge het bevruchtigingskastje met de gewenschte koningin en gaat er binnenshuis mee, met gesloten glasdeuren of ramen. Ge vangt de nieuwe koningin uit en doet die in een rond moerhuisje, zooals die in den handel verkrijgbaar zijn, de opening sluit ge af met een prop suikerdeeg. Na een kwartier ongeveer het eene volk wat vroeger het andere wat later, bekijkt ge de uitgehangen raten met bijen. Als regel loopen die op alle ramen te zoeken naar hun koningin, kortom vertoonen alle teekenen van moerloosheid. Alsnu hangt ge de raten in dezelfde volgorde weer in de kast, en tusschen de raat, waar ge de vorige koningin hebt afgevangen, hangt ge het kooitje met de nieuwe. Ge sluit het volk weer netjes af en na drie dagen, niet vroeger, kunt ge eens nazien en zult ge de goede resultaten van deze "omwisseling" constateeren.
Op deze manier kunt ge in één zomer uw geheele stand met koninginnen van één stam omwisselen, wat U na eenige jaren in de opbrengst zult voelen.
Dit is een van de eenvoudigste manieren om uw stand te verbeteren, zonder veel geld voor dure Importkoninginnen uit te geven. Koninginneteelt met teeltkeus dus. Aan het werk dus in 1933 tot verbetering van ons bijenras.
Rijswijk Z. H.
S. FRANKENHUIS