WAT KUNNEN WE DOEN OM MEER BEKENDHEID AAN ONZE BIJENTEELT TE GEVEN ?
Er wordt nog al eens geklaagd, en niet ten onrechte, dat het met de bijenteelt ten onzent nog niet is wat het moest zijn, en kon zijn, speciaal ook wat betreft de afzet van onze producten. Wel wordt door verschillende maatregelen, als daar zijn het rijkshoningmerk, het houden van markten enz. veel in de goede richting gedaan, doch we zullen het er allen over eens zijn dat geen enkel wettig en geoorloofd middel onbeproefd mag worden gelaten om de zaak zooveel mogelijk vooruit te brengen.
De strekking van dit artikeltje wil nu niet zijn om rechtstreeks de honigverkoop te bevorderen, maar wel om de bijenteelt zelve meer onder de belangstelling van het publiek te brengen, de belangrijke rol welke de bijenteelt in onze samenleving speelt meer algemeen bekend te maken; en wanneer dat zoo intensief mogelijk gebeurt, dan kan het welhaast niet anders of ook de afzet van ons waardevol Nederlandsen product zal er wel bij varen.
We hebben bij ons pogen in die richting een belangrijke factor mee, en wel de nieuwsgierigheid van nagenoeg iedereen, wanneer het dingen aangaande de bijenteelt betreft. Vang maar eens een zwerm midden in een bebouwde kom, er zijn dan vaak haast evenveel menschen om U heen, als er bijen zijn in den zwerm (soms nog veel meer!). Ja zelfs als men met een doodgewone leege bijenkorf over straat fietst, hoort men hier en daar al roepen, kijk eens, een bijenkorf! Deze nieuwsgierigheid nu moeten we benutten zooveel als het kan.
Er zijn tal van manieren waarop men de aandacht op de bijenteelt kan vestigen, maar ik wil mij in dit artikeltje bepalen tot ééne bepaalde mogelijkheid; misschien dat ik later nog eens gelegenheid heb om de zaak vanuit een andere gezichtshoek te bekijken. Ditmaal wil ik speciaal Uwe aandacht vragen voor de leeringen, welke toegelicht met lantaarnplaatjes, voor tal van vereenigingen kunnen worden gehouden. Dit is een prachtig middel om de bijenteelt op populair wetenschappelijke wijze onder de aandacht van velen te brengen, een middel dat, als het door bevoegde personen op de juiste wijze wordt aangewend, zeker succes heeft.
Persoonlijk heb ik voor tal van vereenigingen in diverse plaatsen dergelijke lezingen gehouden, en was steeds getroffen door de groote belangstelling, waarmede dit onderwerp werd aangehoord. Hoeveel voldoening geeft het dan ook, om na afloop van zoo'n lezing te hooren b.v. "We waren er van overtuigd, dat de bijen interessante diertjes zijn, maar dat er zóóveel over te vertellen was, en dat ze zoo'n mooie rol in het natuurleven speelden, hadden we nooit kunnen denken" enz. Men weet dan zoo'n avond ook nuttig besteed. Wat nu de bedoeling van dit artikeltje is? Kijk eens, onze vereeniging telt als ik mij niet vergis zoo tusschen de acht- en negenduizend leden. Hoevelen zitten daar niet onder, die in meer of minder direct contact staan met vereenigingen, welke in aanmerking zouden kunnen komen om eens een dergelijke lezing te laten houden? Als die allen eens ernstig hunne invloed wilden aanwenden om op dit gebied iets gedaan te krijgen, dan was er dunkt mij heel wat te bereiken. Zij konden zich bij voorbaat verzekerd houden van de erkentelijkheid voor een zoo interessant onderwerp.
Deze winter zal het wel niet veel meer kunnen, aangezien het seizoen reeds te ver gevorderd is, maar als ieder nu eens paraat is voor een volgenden winter? Ik wil eens probeeren om een opsomming te geven van vereenigingen, welke voor dit doel het meest in aanmerking komen, doch eerst nog een enkel woord vooraf. Het is naar mijn meening noodzakelijk dat dergelijke lezingen worden gehouden door beproefde krachten, omdat men goed beslagen ten ijs moet komen en het onderwerp volkomen beheerschen moet, wil men het gewenschte succes hebben.
Men heeft veelal een zeer ontwikkeld publiek voor zich en moet op verschillende, ook diepgaande vragen zijn voorbereid. Verder mag men er natuurlijk geen vooropgezette reclame-beweging van maken, doch zich in hoofdzaak bepalen tot het leven der bijen, op min of meer wetenschappelijke wijze behandeld. Over honig vertelle men weinig, doch dat weinige moet goed zijn. Verder houde men rekening met den aard der vereeniging waarvoor men spreekt. Voor een Natuurkundig Genootschap b.v. stelle men het wetenschappelijke op den voorgrond, voor land- en tuinbouwers vertelt men uitvoerig over de rol der bijen bij de kruisbestuiving, terwijl men voor een vergadering van dames wel iets meer over den honig mag zeggen. Een geroutineerde spreker houdt daar echter wel rekening mee.
Tenslotte dan een lijst van vereenigingen, die m.i. hiervoor in aanmerking komen, ieder vulle zelf maar naar eigen inzicht en plaatselijke omstandigheden aan. Ik citeer maar uit mijne aanteekeningen voor de vuist weg, zonder een bepaalde voorkeur:
Natuurkundige Genootschappen.
Nutsdepartementen.
Natuurhistorische Vereenigingen en Musea.
Volksuniversiteiten en Hoogescholen.
Vereenigingen voor Volksontwikkeling.
Vereenigingen voor Arbeidersontwikkeling.
Vereenigingen voor Plaatselijk Nut.
Vereenigingen van Huisvrouwen.
Land- en Tuinbouwvereenigingen.
Ver. van Oud-Leerlingen Land- en Tuinbouwcursussen.
Ver. van Oud-Leerlingen Landbouwhuishoudonderwijs.
Ver. voor School- en Kinderwerktuinen misschien ook Middelbare- en Kweekscholen enz.
Onze geachte Redacteur zal zeker gaarne aan ieder die zulks wenscht, adressen verschaffen van sprekers die met bedoeld onderwerp kunnen en willen optreden. En nu, gij allen die bestuurslid of lid zijt van één van bovengenoemde vereenigingen, of op andere wijze eenigen invloed op dit gebied kunt laten gelden, zorgt er voor dat tegen een volgend winterseizoen tal van aanvragen binnen komen! Het kost onze vereeniging niets, de leden persoonlijk ook niets, er kan dus voor onze mooie bijenteelt niets dan voordeel uit voortvloeien.
LEO VARDENSIS.