OCTOBER 1933.
Warnsveld: -0,850; -0,550; -0,350; totaal -1,750 K.G.
Gemiddelde temperatuur 9,9° C, normaal 9,5° C. Een stand boven 20° C. kwam niet voor. Op 7 middagen bleef de temperatuur onder 0° C. In 2 nachten (29, 30 Oct.) daalde het kwik onder het vriespunt. Hoogste stand 19,5° C. op 5 en 11 Oct.; laagste 3,1° C. onder nul in den nacht van 30 Oct. Neerslag 33 m.M., normaal 66,4 m.M. Neerslagdagen 23, waaronder 8 met meer dan 1 m.M.. gemiddeld 17 en 13. Grootste hoeveelheid in 24 uur 6,2 m.M. op 27 Oct. Bewolkingscijfer 6,7 tegen 6,8 normaal. Heldere dagen 2, betrokken 12, gemiddeld 3en 13. Barometer 759,3 m.M, normaal 760,2 m.M. Het weer bleef met enkele uitzonderingen tot den 25en nog gunstig, zacht met weinig neerslag en tusschen 11 en 22 Oct. met vrij veel zon. Na 25 Oct. werd het koeler en veranderlijker. De eerste vorst in dit najaar (—0,6° C.) kwam op 29 Oct. voor, waardoor de dahlia's leden en zwart werden. Wind-verdeeüng: N. 8, N.O. 7, O. 14, Z.O. 9, Z. 21, Z.W. 16, W. 13, N.W. 11. Stilten 1 op 100 keer. Vliegdagen: Aantal 19, waarvan 1 zeer goed (22 Oct.), 6 goed en 12 zwak. Na 23 Oct. beteekende de vlucht zoo goed als niets meer. Njjiars-voedering: Deze werd in de eerste dagen van Oct. geheel beëindigd. Toestand der volken: Deze is goed te noemen. In de tweede helft van Oct. werd de laatste hand aan de inwintering gelegd. Drachtplanten: De bijen verzamelden nog stuifmeel van herik en bevlogen verder herfstasters. Mijn dank aan dhr. H. H. Smit, Zaanweg 11, Wormerveer, voor zijn uitgebreid, in buitengewoon keurig handschrift gesteld schrijven, betreffende klimop als bijenplant. Ook hier komt wel bloeiende klimop voor, doch niet veel en dan meesal in afgesloten stadstuineu. Ik geef alleen die drachtplanten op, waarop ik persoonlijk bijenbezoek geconstateerd heb en ben ik niet altijd in de gelegenheid om op een mooien, zachten herfstdag de klimop op een afgelegen plek te bezichtigen. Vandaar, dat ik deze niet in vroegere jaren in Oct. en Nov. onder de drachtplanten heb vermeld.