BIJEN EN HONING ALS SYMBOLEN.


Vele ijmkers kennen wel het boekje van Tickner Edwardes "Het verhaal van de honingbij" en door dat boekje zijn velen, die er anders niet aan gedacht hadden de klassieken te bestudeeren, in aanraking gekomen met het onvergelijkelijk mooie vierde boekje van Vergilius Georgica, waaruit Edwardes in het bijzonder het merkwaardige verhaal over het ontstaan van een bijenzwerm uit een tot dat doel gedooden stier naar voren brengt. Edwardes schijnt te meenen, dat Vergilius nog nooit bijenbroed, uitkomende bijen enz. gezien heeft, omdat ik veronderstel, dat Vergilius dat verhaal werkelijk bedoeld heeft zooals het er staat. Een ijmker als Vergilius zou werkelijk meenen dat, als men een stier doodt en op de voorgeschreven wijze begraaft, er in het lichaam van den stier een bijentros geboren zou worden! En om dit merkwaardige bijgeloof te verontschuldigen oppert hij de meening, dat Vergilius wel in de war geweest zal zijn met de bekende "blinde bij".

Toen ik dit alles dezer dagen las herinnerde ik mij in "l'Abeille par l'image", een buitengewoon interessant boekje, dat in onze bibliotheek aanwezig is, de afbeelding te hebben gezien van het om Vergilius geboekstaafde wonderlijke gebeuren, terwijl ik me ook nog een plaat herinnerde waarop de stier vervangen was door een leeuw. Ik besprak het geval met een vriend van me die een geniaal mijthenkenner is en naar aanleiding daarvan meen ik goed te doen ten gerieve van bestudeerders van de geschiedenis van de bijenteelt die met Vergilius' verhaal geen weg weten of er tot dusver met 'n glimlach overheen lazen, het volgende op te merken, waarbij ik van de aanteekeningen van genoemden vriend gebruik mocht maken:

Honing was bij de ouden het symbool van de reiniging. In de mysteriën van Mithras werden den neofiet de handen niet gewasschen met water om de reiniging te verbeelden, doch met honing.
In den hengst, de stier en de leeuw is de dierlijke voortplanting gesymboliseerd. De hengst wordt dikwijls met den stier verwisseld. Men denke aan centaur, paard-mensch, waarin duidelijk de stam van taurus, stier te onderkennen is.
Het stier-teeken Taurus van den dierenriem wordt beheerscht door de planeet Venus, die op haar beurt symbool is voor de hoogere liefde.
We moeten ons nu even vertrouwd maken met de gedachte dat Vergilius en met hem vele andere ouden, o.a. Plato, het lichaam beschouwen als een middel om de ziel in de gelegenheid te stellen zich in het leven te louteren en het verband tusschen honing, reinigingssymbool der Mithraïsche mysteriën, en het lichaam, reinigingsmogelijkheid voor de ziel, zal ons duidelijk zijn.

De verwekkers van deze lichamen nu, aan den honing dus, zijn de bijen.
In dit verband moet ik even wijzen op enkele verzen van Homerus, Odyssee, zang 13, 96—112 en de commentaren daarop van den Neo-Platonist Porphyrius, die verklaart dat met Najaden in de verzen bedoeld worden zielen die in het stoffelijk bestaan afdalen en nu is het ook begrijpelijk dat Homerus in bedoelde verzen de bijen en den honing niet vergat.
Wanneer de lagere, dierlijke liefde, Taurus de stier, gedood is, wordt de hoogere liefde, Venus, de bij, geboren.

Melk en honing waren ook bij de Oostersche volken symbolen voor stoffelijk welbehagen. Dikwijls werd het Heilige Land genoemd het land, vloeiende van melk en honing. Tenslotte wil ik nog even wijzen op het verhaal van Simson, die honing vond in het lichaam van een dooden leeuw.
Ik heb slechts enkele punten vluchtig aangetipt; wie er belang in stelt, vindt in deze korte notitie echter licht een aanwijzing van de richting waarin een verklaring van het wonderlijke verhaal van Vergilius mogelijk moet worden gezocht.

RINK GROENVELD, Huizum, dec. '33.