Februari '35
GROTE CELLEN.
Alle imkers, bekend of onbekend, Heil in 1935.
Nu iets over grote cellen, grote bijen en meer honing.
Dit naar aanleiding van een stuk, door den Z. E. Heer Pastoor Haerens te Weijneghem geschreven in het Belg. maandblad voor Bijenteelt en in het Groentje van Januari j. l. overgenomen.Dat er ook in Nederland, imkers zijn die deze proef reeds gedurende enige jaren hebben genomen, tevens ook met het oog op minimum darren, kan ik U wel verzekeren.
Reeds voor twee jaar heb ik al medegedeeld, dat er in de volken met grootcellige kunstraat, zeer weinig darren voorkomen. Na driejarig gebruik van zulke kunstraat, had ik in Juli van het voorbije jaar, een aardige ontmoeting wat mij later bleek het gevolg te zijn „uit grote cellen komen grote bijen". Dit is trouwens reeds lang bekend, gelet op de darren die toch ook groter zijn dan werksterbijen (Is deze gevolgtrekking wel juist? Red.) In juli dan, bij een sterke dracht op witte klaver, inspecteerde ik mijn Geeltjes uit grote cellen in een 11-raams Simplexkast.
Het viel mij op, dat er zo weinig volk en bijna geen honing in de honingzolder was. Beneden alles tjokvol honing en hevig uitbruisende bijen. Ik had n.t. op 4 kasten een Herzogrooster en op 2 een Eng. formaat. Toevallig was deze ontmoeting een kast met Eng. model. Snel verwijdeide ik de rooster en waagde het een dag of wat zonder rooster. De volgende dag druk werk en geen bijen aan het vlieggat. Zeer nieuwsgierig keek ik dan de 4e dag eens boven en jawel, vol bijen en reeds veel honing. Ik waagde niet verder zonder rooster en legde een Herzogrooster op, met het gevolg, alles even goed ging als zonder rooster.
Herzog heeft immers wijdere doorgang en mijn uitslag van mijn verrassing was, na verloop van een paar weken alles boordevol en het bewijs was geleverd uit grote cellen, grote bijen en meer honing, want de Herzog bewees het eerste en de grotere bijen het tweede.
Beste imkersgroet uit Zeeland,
St. J. BIEMAN.