Officiële mededelingen.


Algemene Vergadering
op Donderdag 16 April 1936 om 10.30 in de Nieuwe Feestzaal van Hotel Noordbrabant, Vredenburg, Utrecht.

Agenda
1. Opening.
2. Notulen.
3. Mededelingen en ingekomen stukken.
4. Verkiezing Voorzitter wegens bedanken van Dr. Mr. A. v.d. Flier. Overeenkomstig art.9 der Statuten heeft het Hoofdbestuur de volgende voordracht opgemaakt; met uitzondering van Mr. F. A. Ebbinge Wubben, is de voordracht alphabetisch.
Mr. F.A. Ebbinge Wubben te Lent.
Dr. M. Bruijel te Haarlem.
H. M.J. Doom te Kampen.
H. Chr. Versteeg te Apeldoorn.
J. G.A. Wilhelmus te Apeldoorn.
5. Vaststelling plaats Algemene Vergadering 1937 (Voorstel H.B. Utrecht).
6. Vaststelling quotum 1937 (Voorstel H.B. f 1.15).
7. Beleid Hoofdbestuur en Redactie Maandschrift.
8. Voorstellen Hoofdbestuur.
1. Het H.B. stelt voor te besluiten tot de oprichting van een proefbijenstand in samenwerking met de Zuidelijke bonden en met steun van de regering. De jaarlijkse kosten worden begroot op f 1700.- en de oprichtingskosten op f 1000.-. Er mag met enige zekerheid worden verondersteld, dat de regering een jaarlijkse subsidie zal geven van f 850.-. De resterende jaarlijkse kosten ad f 850.- zullen worden gedragen door de drie samenwerkende organisaties in verhouding van hun ledental, zodat wij zullen hebben te betalen ongeveer f 560.- en de beide andere bonden f 290.- Deze bedragen variëren dus ieder jaar misschien. De proeftuin wordt gevestigd te Wageningen. Wij stellen de daarvoor benodigde ruimte beschikbaar in de tuin van het Bijenhuis en een geschikte werkplaats in de schuur aldaar. De oprichtingskosten komen ten laste van onze vereniging, maar al het materiaal wordt en blijft ons eigendom. Het bestuur van de proefbijenstand komt te berusten bij een door de gezamenlijke organisaties te benoemen commissie, terwijl als directeur zal optreden Dr. Minderhoud, aan wien een vaste kracht zal worden toegevoegd. De gelden voor oprichting en instandhouding te vinden uit het suikerfonds.

2. Het H.B. stelt voor om, indien het voor de instandhouding van het H.C.S. over de jaren 1936 en 1937 nodig mocht blijken de prijzen der rijksmerken te verhogen, deze meerdere kosten aan de aangeslotenen, leden onzer vereniging, te vergoeden uit het reservefonds van het H.C.S. Dit voorstel wordt gedaan na gehouden overleg met de zuidelijke bonden. In het reservefonds hebben we successievelijk f 6000- gestort onder uitdrukkelijke voorwaarde, dat zodra de finantiële positie van het H.C.S. gevaar mocht lopen, het H.C.S. zoude worden geliquideerd en de gelden aan ons teruggegeven. Doordat de regering geen verdere gelden beschikbaar stelt„ zoude thans, indien geen ander besluit genomen wordt, dat bedrag teruggegeven moeten worden. Het H.B. zoude het zeer betreuren, indien thans het rijksmerk moest verdwijnen en men heeft getracht het over 1936 dreigende tekort te ondervangen. Een gedeelte van dit tekort is weggenomen doordat 1935 een batig saldo heeft en in de tweede plaats, doordat de directeur van het H.C.S., Dr. de Boer, op niet genoeg te waarderen wijze zich bereid heeft verklaard zijn functies geheel belangeloos te vervullen, van welk aanbod men heeft gemeend niet geheel gebruik te mogen maken. Er bleef nog een tekort van ongeveer f 1500.- In overleg met de zuidelijke bonden is daarop bovenstaande regeling getroffen, onder voorbehoud van goedkeuring door de drie organisaties. Vandaar dat het H.B. bovenstaand voorstel aan de Alg. Verg. doet.

9. Bespreking en vaststelling Huishoudelijk Reglement met de amendementen daarop (Zie December-no. 1935 en Maart-no. 1936).

10. Rapport van de commissie belast met het nazien van de boeken der verschillende afdelingen en notulen 1935 (Zie Maartnummer 1936) en benoeming commissie 1936.
11. Balans Winst- & Verliesrekening en jaarverslag van den secretaris 1935 Afd. Vereniging (Zie Maandschrift Maart 1936).
12. Idem, Afd. Handel.(id.)
13. Idem, Afd. Suiker.(id.)
14. Idem, Afd. Verzekering (id.)
15. Begroting 1936.
16. Rondvraag en sluiting.

N.B. Afdelingen moeten de naam en het adres van hun afgevaardigde (één voor elke afd.) en diens plaatsvervanger op het daartoe toegezonden formulier invullen en dit formulier uiterlijk op 7 April a.s. in het bezit stellen van den Alg. Secr. te Amersfoort. De presentielijst ligt vanaf een uur voor de aanvang der vergadering ter tekening in het vergaderlokaal.

Februari 1936.
LENT, Mr. F.A. EBBINGE WUBBEN, wnd. Voorz.
AMERSFOORT, JOH. A. JOUSTRA, Secr.



N.B. Indien de Alg. Verg. mocht besluiten de machtiging aan het H.B. om gelden uit het reservefonds te putten in te trekken, stelt het Hoofdbestuur voor de post "onvoorzien" op deze begroting te verhogen tot f 1000.- en dit meerdere bedrag te vinden uit het winstsaldo 1935.

Voorstellen inzake het Huish. Regl. met prae-advies H.B.

De afd. Dordrecht, Enschede, Den Haag, Hoogeveen en Kennemerland hebben enige voorstellen ingediend en toegelicht, terwijl ook het H.B. nog een paar kleine wijzigingen heeft aangebracht. Deze voorstellen met het prae-advies van het H.B. en de wijzigingen volgen hieronder artikelsgewijs.

Art.1.
Den Haag zal het op prijs stellen, indien in de instructie van den Redacteur wordt bepaald, dat hij overleg pleegt met een door het H.B. te benoemen commissie van redactie. Kennemerland acht een commissie van redactie nodig voor bemiddeling bij geschillen tussen den redacteur en inzenders en stelt voor in art.1 in te voegen: Het H.B. benoemt ook een commissie van redactie.
Het H.B. wijst er op, dat reeds nu dergelijke geschillen worden behandeld door het D.B. en dat het wel vanzelf spreekt, dat ieder, die reden tot klacht meent te hebben tegen den redacteur, zich kan wenden tot D.B. of H.B. Het H.B. acht het met afd. Den Haag beter deze zaak te regelen in de instructie en niet in het H.R.

Art.4.
Den Haag stelt voor in art.4 te schrappen de woorden: en regelt het gebruik dier bibliotheek.Den Haag meent, dat nu de bibliotheek ondergebracht is bij de Landbouwhoogeschool, de regeling ook daar berust.
Dit is niet juist. Wij hebben de regelende bevoegdheid behouden, maar ons reglement mag niet in strijd zijn met dat van de Landbouwbibliotheek.

Art.5.
Kennemerland stelt voor in art.5 te doen vervallen de woorden: uit zijn midden. K. zegt, dat er natuurlijk alles voor is om de comm. van bijstand uit het H.B. te benoemen, maar het zoude kunnen voorkomen, dat in het H.B. geen geschikte leden daarvoor waren.
Nu K. dit zó motiveert en het dus blijft vaststaan, dat in de eerste plaats de leden van de comm. van bijstand zullen worden gekozen uit het H.B., heeft het H.B. geen bezwaar tegen het voorstel K. en neemt het H.B. dat amendement over.

Art.7.
Overeenkomstig een opmerking van afd. Ommen stelt het H.B. voor art.7 te lezen als volgt: Het H.B. kan prijzen uitloven en subsidies voor tentoonstellingen en markten verstrekken en bevordert het houden van voordrachten, cursussen, lezingen, practische lessen enz. en in het algemeen bij elke gelegenheid de belangen der bijenteelt en der vereniging.

Art.8.
Afd. Den Haag stelt voor aan het slot der laatste alinea toe te voegen: bij afwijzing waarvan beroep op het H.B. openstaat. Het H.B. neemt dit amendement over.

Art.9.
Het H.B. stelt voor toe te voegen: Een afdeling, waarvan het aantal leden op de eerste Januari van een jaar is gedaald tot beneden tien gaat over in een correspondentschap.

Art.10.
Afd. Den Haag wil de woorden: Zolang aan deze verplichtingen niet is voldaan, hebben de afdelingen geen stemrecht en ontvangen haar leden geen maandschrift, vervangen door: Van de afdelingen, die niet aan haar verplichtingen voldoen, wordt de naam, mitsgaders die van haar bestuur in het Maandschrift gepubliceerd. Zolang niet aan de verplichtingen is voldaan, worden haar leden als verspreide leden beschouwd. Als toelichting zegt Den Haag: Het merendeel der leden zal wel aan zijn verplichtingen hebben voldaan en dus op de voorgestelde manier onrechtvaardig worden behandeld. Dit wil Den Haag voorkomen.
Het H.B. ziet geen kans de namen van bestuursleden te publiceren, als het H.B. niet weet wie die bestuursleden zijn. Evenmin is het aan het H.B. mogelijk het maandschrift te zenden aan onbekende mensen. Nog zonderlinger is de wens van afd. Den Haag om die onbekende mensen te beschouwen als verspreide leden. Het H.B. geeft afd. Den Haag in overweging dit amendement in te trekken.

Art.12.
Het H.B. stelt voor de eerste zin te lezen: een lijst van de leden en van de leden van het bestuur.

Art.13.
Kennemerland wilde graag duidelijk tot uitdrukking gebracht zien, dat een corr.schap alleen mag worden opgericht, waar niet voldoende leden voor een afdeling te vinden zijn.
Hoewel het H.B. van mening is, dat dit reeds blijkt uit de redactie zoals die nu is, heeft het H.B. er geen bezwaar in om het nog iets aan te dikken en stelt het H.B. voor art.13 te doen luiden Een corr.schap kan en mag alleen daar worden opgericht, waar niet voldoende leden voor een afdeling aanwezig zijn.
Verder wil K. aan het H.B. het recht geven een corr.schap op te heffen, indien er helemaal geen kans bestaat, dat het corr.schap in ledental vooruitgaat, zodat het een afd. worden kan, desnoods met beroep op de Alg. Verg.
Het H.B. ontraadt de aanneming van dit amendement, omdat het praktisch nooit zal worden toegepast en in verband met het voorstel der afd. K. om voor de oprichting van een corr.schap te vorderen een minimum aantal leden van 7. Het H.B. neemt dit amendement met een kleine toevoeging over en stelt voor aan art.13 een tweede alinea toe te voegen: Voor de oprichting en instandhouding van een corr.schap zijn minstens zeven leden nodig. In bijzondere gevallen is het H.B. bevoegd hier van af te wijken.

Art.16.
Kennemerland wil, dat in art.16 nog eens bepaald wordt, dat elk royement moet geschieden door de Alg. Verg. Het H.B. vindt dit niet nodig, daar het reeds staat in art.7 der Statuten. K. stelt voor in de derde alinea van art.16 het H.B. te vervangen door het D.B. Het H.B. is tegen dit voorstel omdat het vreemd zoude zijn die bevoegdheid wel te geven aan het D.B. en niet aan het H.B.
Afd. Den Haag wil alinea 2 laten vervallen en licht dit als volgt toe. Den Haag vindt alinea 2 in strijd met art.6 der Statuten, omdat art.6 de afdelingen volkomen autonoom laat bij de aanneming van leden, hetgeen als logisch gevolg moet hebben, dat de afd. ook vrij moeten zijn om leden uit haar midden te verwijderen. Het H.B. acht deze redenering onjuist. Art.6 der Statuten zegt, hoe men lid wordt, art.7 hoe men het lidmaatschap verliest, namelijk door overlijden, bedanken of royement, welk royement geschiedt door de Alg. Verg.
Geroyeerde leden, zegt afd. Den Haag verder, kunnen, hoewel ongeschikt voor afdelingsverband, uitstekende leden der hoofdvereniging zijn, misschien zelfs wel van een andere afdeling.
Het H.B. is van mening, dat een lid, dat zich zó misdraagt, dat het uit een afdeling wordt gezet, ook geen lid van de vereniging behoort te blijven. Ten derde, zegt afd. Den Haag, kan een lid van het H.B., al is het nog zo bekwaam, zich op een onderzoekingssamenkomst geen goed denkbeeld vormen van de slechte geest, die een voor royement voorgedragen lid in een afd. kan scheppen en de Alg. Verg. kan in zo'n geval nog veel minder een juist vonnis vellen. Het H.B. is van mening, dat men zich moet hebben schuldig gemaakt aan bepaalde duidelijke feiten om niet langer in een vereniging geduld te kunnen worden. Ten slotte zegt afd. Den Haag, dat het geval Popken-Wagner de aanleiding is geweest om dit art. aldus voor te stellen. Het H.B. zegt, dat dit inderdaad het geval is, waar dan nog bijkomt, dat het maar een haartje heeft gescheeld of zelfs onze voorzitter was in zijn afdeling geroyeerd. Toen is van velerlei zijde er bij het H.B. op aangedrongen, maatregelen te treffen, dat dergelijke onmogelijke toestanden niet meer zouden kunnen voorkomen. Het H.B. meent een juiste oplossing te hebben gevonden in de redactie van art.16. In de leemte is voorzien zonder nochtans elke bevoegdheid aan de afd. te ontnemen. Vele leden, zegt afd. Den Haag dan nog, zal het nu wel duidelijk geworden zijn, dat door het royement Jansen de rust in de vereniging nog niet is weergekeerd, de onrust integendeel nog voortduurt en wie de ware onruststokers zijn. Het H.B. is er zich niet van bewust, dat de onrust nog voortduurt in de vereniging, Het tegendeel is gelukkig waar. Maar zo nu en dan wordt er nog een enkele poging gewaagd weer onrust te zaaien en het H.B. doet een dringend beroep op de Alg. Verg. zulks niet te dulden en dat bij voorkomende gevallen krachtig duidelijk te maken aan hen, die nog mochten trachten onrust en tweedracht te verwekken.
De afd. Hoogeveen en Kennemerland vinden, dat het soms te lang zoude kunnen duren voor een onruststoker uit een afdeling en uit de vereniging wordt gezet. Afd. Hoogeveen wil daarom aan het H.B. het recht van royement geven met beroep op de Alg. Verg. Dit is in strijd met art.7 der Statuten. Om aan de bezwaren tegemoet te komen stelt het H.B. voor aan art.16 toe te voegen een nieuwe bepaling: Het H.B. kan in spoedeisende gevallen het voor royement voorgedragen lid schorsen tot de eerstvolgende Alg. Verg. waarop over het royement moet worden beslist. De geschorste behoudt al zijn rechten en verplichtingen, doch heeft tot geen enkele vergadering van ringen, afd. of corr.schappen toegang.

Art.17.
Kennemerland stelt voor de contributie van verspreide leden te bepalen op f 2.50 boven het quotum. K. zegt, dat verspreide leden alleen daar thuis behoren, waar geen afd. in de buurt is, waarbij ze zich kunnen aansluiten, en dat men er geen voordeel in moet kunnen hebben bij het zijn van verspreid lid.
Het H.B. acht het principe waarvan afd. K. uitgaat, volkomen juist. Toch is het H.B. van oordeel, dat het voorstel K. geen aanbeveling verdient, omdat er veel verspreide leden zijn, die zich bij geen afd. kunnen aansluiten en deze zonder enig motief een veel te hoge contributie zullen moeten betalen.

Art.19.
Afd. Den Haag stelt voor het woord ontstentenis te laten vervallen. Het H.B. heeft hiertegen geen bezwaar. Het H.B. stelt alsnog voor de laatste woorden van het artikel te lezen: te benoemen door het H.B. uit zijn overige leden.

Art.20 en 21.
De afd. Kennemerland vindt, dat de verkiezing niet op de geschiktste tijd worden gehouden. Zij vallen in een tijd, waarin men het nog druk heeft, waarin het reizen naar de heide valt en waarin nog niet de rechte lust tot vergaderen bestaat. K. stelt daarom voor alle in art.20 en 21 genoemde data met twee maanden te verschuiven, zodat in art.20 zal worden gelezen inplaats van 1 October 1 December en alle tijden in art.21 ook twee maanden later zullen vallen.
Het H.B. acht dit inderdaad een zeer grote verbetering en neemt deze amendementen over.
Afd. Den Haag stelt voor in het derde lid de woorden tussen 15 en 25 September te vervangen door: in de eerste week van October, wat dus bij aanneming van de voorstellen Kennemerland zoude worden in de eerste week van December.
Het H.B. kan zich hiermede niet verenigen. Immers dan zoude de uitslag pas bekend kunnen worden gemaakt in het Januarinummer van het Maandschrift met gevolg, dat de herstemming veel te laat moet worden gehouden. Afd. Den Haag stelt nog voor te bepalen als volgt: Is een herstemming nodig, dan wordt deze een maand later gehouden. Een tussentijdse verkiezing wordt zodanig geregeld, dat de afd. behoorlijk tijd hebben voor het stellen van candidaten. Anders is zij ongeldig.Het H.B. ontraadt deze voorstellen. Het spreekt wel vanzelf, dat iedere stemming zo wordt geregeld, dat er overal behoorlijk tijd voor is. Dat ligt opgesloten in de woorden: op overeenkomstige wijze. De bepaling, dat anders de stemming ongeldig zal zijn, geeft aanleiding tot hopeloze onaangenaamheden en is praktisch zonder nut.

Art.25.
De afd. Dordrecht, Den Haag en Lonneker-Enschede hebben bezwaar tegen de regeling der reis- en verblijfkosten van leden van het H.B. en van door het H.B. benoemde commissies. Dordrecht stelt alleen voor, dat de leden van H.B. en de commissies derde klas zullen reizen en zegt, dat men tegenwoordig in de derde klas electrischeen Dieseltreinen minstens zo goed reist als vroeger in de tweede klas en dat men thans ook per auto tegen derde klas tarief kan reizen.
Afd. Lonneker-Enschede wil voor het H.B. en de comm. dezelfde regeling als voor de afgevaardigden ter alg. verg.Afd. Den Haag stelt voor te lezen: derde klas spoor en verder:
Alleen in speciale gevallen kan vergoeding voor een hogere klas worden toegestaan. Voor verblijfkosten kan het bestede bedrag in rekening gebracht; tegen te luxueuze uitgaven wordt streng gewaakt. Afd. Den Haag licht als volgt toe: In deze democratische tijd reist vrijwel iedereen derde klas spoor. In het algemeen is de standing der H.B.-leden niet van die aard, dat zij tweede klasse zouden moeten reizen. Ook lijkt ons een bedrag van 6 gulden voedingsgeld te hoog. Voor de leden van commissies geldt hetzelfde.
Het H.B. betreurt de indiening van deze van zo weinig waardering getuigende voorstellen en acht het beneden zijn waardigheid hierop van enig prae-advies te dienen.

Art.26.
Afd. Den Haag wil hieraan toevoegen: Hieronder zijn ook begrepen bedragen geput uit het reservefonds.
De bedoeling van het voorstel afd. Den Haag is duidelijk genoeg. De redactie is evenwel lang niet fraai. Beter is het het besluit der Alg. Verg., waarbij het H.B. de vrije hand is gelaten inzake de besteding van gelden van het reservefonds in te trekken. Het H.B. heeft daar geen bezwaar tegen, maar wijst er toch op, dat bij aanneming van het idee van afd. Den Haag, het zeer gewenst zal zijn op de jaarlijkse begroting de post onvoorziene uitgaven wat ruimer te nemen, opdat het H.B. in voorkomende spoedgevallen wat meer ruimte heeft.

Art.30.
Onder sub 5 wil afd. Den Haag ook nog vermeld zien: het orgaan.
Het H.B. acht dit overbodig. Ook zonder die expresse vermelding heeft de Alg. Verg. het recht en de bevoegdheid het H.B. en den redacteur ter verantwoording te roepen over de inhoud van het maandschrift en al wat op het maandschrift betrekking heeft.
Sub 9 wenst Den Haag te doen lezen als volgt: De voorstellen van het H.B.; die der afdelingen volgens art.32, alsmede de amendementen daarop.Voor toelichting zegt Den Haag: Geen der H.B.-leden is blijkbaar, ondanks de zo langdurige bestudering van het concept, zo snugger geweest, dit eens naast het oude H.R. te leggen; anders zoude het hun onmiddellijk zijn opgevallen, dat de amendementen vergeten zijn.
Het H.B. heeft de amendementen niet vergeten. Amendementen zijn voorstellen; gaan die uit van zes afdelingen of worden ze gesteund door vijf afdelingen, dan worden zij op de agenda geplaatst. Er is geen de minste reden om alle mogelijke amendementen, ook al worden ze door geen enkele afdeling gesteund, op de agenda te plaatsen. Dit neemt niet weg, dat het H.B. toch ieder amendement op de agenda kan plaatsen en dat ieder amendement, mits behoorlijk gesteund, toch op de alg. verg. behandeld moet worden.

Art.32.
Afd. Den Haag wil aan het slot nog aanvullen: Amendementen op deze voorstellen kunnen door de afd. worden ingediend vóór 15 Februari.Dit zoude in strijd zijn met de bepaling van art.33. Afd. den Haag wil het recht van de afgevaardigden ongemotiveerd beperken.

Art.33.
Afd. Den Haag wil het getal tien handhaven.
Bij de vaststelling van het oude H.R. telde de vereniging ongeveer 140 afdelingen, thans meer dan 200. Een voorstel, dat nog door geen twintig afdelingen gesteund wordt, heeft toch geen de minste kans om aangenomen te worden en het is dwaasheid aan zo'n kansloos voorstel op de alg. verg. tijd te verspillen.

Art.35.
Afd. den Haag wil aanvullen: Vóór 1 April zendt de secretaris aan alle afd.-besturen een lijst van de afdelingen met de namen der bestuursleden en hun adressen.Den Haag licht toe: Het lijkt aan de afd. geen verbetering het art. te redigeren zoals in het concept is voorgesteld. Hoe zal men b.v. ringen kunnen vormen, als men de andere afdelingen niet kent. Ook voor het verkrijgen van inlichtingen is het bezit van een lijst gewenst. Als opgetreden wordt, zoals den Haag wil in art.10 is er geen bezwaar om de oude redactie te handhaven. Bij art.10 heeft het H.B. reeds uiteengezet, dat hetgeen Den Haag daar wil, onmogelijk is.

Jaarverslag van den secretaris over 1935.


Ontwikkeling der volken.
De overwintering der volken kan goed genoemd worden. Ondanks de slappe winter werd er betrekkelijk weinig voedsel gebruikt. Roerverschijnselen deden zich niet voor. Toch waren de volken in het algemeen bij de uitwintering niet bizonder sterk te noemen.
In het voorjaar wat het weer zeer guur en regenachtig, zodat de ontwikkeling der volken niet bizonder vlot ging. Toch vielen hier en daar reeds tegen het einde van Mei de eerste zwermen. Tot het midden van Juni had de dracht weinig te betekenen, terwijl de dracht op linde, acacia en witte klaver in verschillende streken van ons land een uiteenlopend beeld te zien gaven. De klaver op de kleigronden honingde over het algemeen rijk en hierin staat vooraan de Wieringermeerpolder, waar belangrijke oogsten werden geboekt. Volken van meer dan 100 pond waren daar geen zeldzaamheid. De heide kwam er vrij goed voor te staan, toch leverden b.v. de hoge zandgronden weinig oogst op. Beter ging het op de veenheide, waar de oogst zeer bevredigend genoemd kan worden. Het jaar 1935 kan gerekend worden tot de matige jaren. Talrijk waren de berichten over het optreden van de bijenwolf, welke thans schier overal voorkomt. Of zij veel schade aangericht heeft is niet vast te stellen, daar alle verliezen niet op rekening van dezen bijenvijand kunnen worden geschoven.

Onderwijs en middelen tot bevordering der bijenteelt.
Ook dit jaar werden door tal van afdelingen cursussen, lezingen en practische lessen gegeven en excursies gemaakt. Voor een vereniging van zulk formaat als de onze kon van de gelegenheid daartoe echter heel wat meer gebruik worden gemaakt. Tóch is er een groeiende belangstelling voor onderwijs merkbaar.

Markten en tentoonstellingen.
De gewone bijen- en honingmarkten werden weer gehouden. Op de honingmarkten werd veel honing van goede kwaliteit aangevoerd. Vooral de wijze van verpakking en de behandeling van honing gaat er op vooruit, zooals met blijdschap geconstateerd kon worden. Op de bijenmarkt te De Klomp werd slechts een zeer gering aantal bijenvolken aangevoerd. De aanvoer in Veenendaal was goed, hoewel bij lange na niet zo als in vroegere jaren. De handel was traag en de prijzen slecht.

Rijksmerk.
Zo zachtjes aan wint het Rijksmerk veld en is er in 1935 een belangrijk hoger bedrag aan Rijksmerken geleverd, dan in het daaraan voorafgaande jaar, hetgeen hoofdzakelijk zijn oorsprong vond in de betere uitkomsten van het bedrijf. Het moest feitelijk zo zijn, dat iedere imker, die Ned. honing in de handel brengt, dit uitsluitend onder Rijksmerk doet.

Bescherming Bijenteelt.
Ook de pogingen in 1935 aangewend hebben bij het opstellen van dit verslag nog geen resultaat opgeleverd. Enige adressen zijn in samenwerking met de bonden in het Zuiden van ons land verzonden en plannen tot gezondmaking van de bijenteelt de Regering voorgelegd. Een commissie van grootimkers werkte aan die plannen mede en aangezien zij de meest belanghebbenden zijn, met hun wensen rekening gehouden. Op het departement van Landbouw hebben verschillende conferenties plaats gehad en ook de samenwerkende verenigingen hebben de maatregelen, welke in het belang der bijenteelt genomen zouden moeten worden, besproken. Ook verschillende afdelingen hebben zich blijkens mededelingen tot de Regering gewend en een antwoord kan nu niet lang meer uitblijven.

Imkersdag.
De 13e imkersdag werd te Leeuwarden gehouden op 7 September Dhr. Y. Stienstra hield een inleiding over Bijenteelt in Friesland. De dag werd door plm. 450 deelnemers bijgewoond en had een zeer prettig verloop. Verslag en inleiding werden in het Maandschrift opgenomen.

Examen bijenteelt.
Wegens te geringe belangstelling werd geen examen afgenomen.

Waarnemingsstation.
Het waarnemingsstation bleef te Warnsveld gevestigd. De verslagen van dit station werden in het Maandschrift opgenomen.

Maandschrift.
Het orgaan verscheen regelmatig en sloot met 308 pagina's. Er is zeer grote belangstelling voor ons periodiek, ook uit het buitenland. Enige zeer belangrijke artikelen konden er in worden opgenomen. Dank zij een tegemoetkoming van den drukker kunnen we per jaar over 24 pagina's extra beschikken, waarvoor een woord van dank hier wel op zijn plaats is.

Honingprijzen.
Zomogelijk trad nog een verslechtering van de prijzen in. Tal van imkers konden hun honing moeilijk slijten en er zijn nog belangrijke partijen onverkocht. Ruwe honing deed plm. 22 3/4 ct. per K.G., 1e kwaliteit raathoning 70 ct. per K.G., pershoning 34 ct. per K.G., gezuiverd was plm. 90 ct. per K.G. Slingerhoning werd verhandeld tegen verschillende prijzen. In de groothandel van 40 tot 50 ct. per K.G. In de kleinhandel van 35 tot 75 ct. per pondsflacon.

Hoofdbestuur.
De periodiek aftredende leden Schaafsma, Versteeg en Loonen werden bij enkele candidaatstelling herkozen verklaard. Er werden 2 vergaderingen gehouden, plus een met de groot-imkers. Van de vergaderingen van het H.B. werd een verslag in het Maandschrift opgenomen.

Algemene Vergadering.
Er werd een algemene vergadering gehouden, waarvan de notulen in het Maandschrift werden opgenomen. Apis-club. Vermoedelijk wegens de minder goede internationale verhoudingen werd ook dit jaar geen bijeenkomst van de club gehouden.

Algemene toestand der vereniging.
Moesten er het vorige jaar onpleizierige maatregelen genomen worden, teneinde aan een ongewenste en voor de vereniging funeste actie een einde te maken, het afgelopen jaar kenmerkte zich weer door een prettige, joviale, kameraadschappelijke geest. Zowel de algemene als de financiele toestand is dan ook perfect, er is opgewekt verenigingsleven en veel belangstelling in de bijenteelt.
Het aantal leden nam wederom toe en bedroeg aan het einde 1935 10465 leden, welke in afdelingen zijn ondergebracht en 221 verspreide leden, in totaal dus 10686 leden, of 623 leden meer dan in 1934. Ook de financiele positie der vereniging is kerngezond. Het tekort op de vorige rekening werd niet alleen weggewerkt, doch een batig saldo werd nog verkregen van f 870.48.
Verschillende nieuwe leden en correspondentschappen traden weer toe. Het zijn: Bergum, Diever, Oudleusen, Weerselo, Duiven, Otterlo, Driel, Heumen, Bilthoven, Kamerik, Boskoop, Voorne, Budel, Dinteloord, Eindhoven Spekholzerheide, Wieringermeer, Hoenderloo; waartegenover staat de afschrijving van 1 afdeling.
Het is een buitengewoon genoegen zulke goede uitkomsten en zulk een blijmoedig verslag te kunnen uitbrengen. Helaas kan dat niet gezegd worden van de bijenteelt als zodanig. Daar moet de toon helaas nog in mineur blijven. Het wegblijven van zelfs de eenvoudigste maatregel als b.v. declaratiedwang, heeft de afzet van het product ten zeerste bemoeilijkt.
Nog een andere droeve toon moeten wij laten horen en het is wel spijtig, dat het slot van dit overigens opgewekte relaas het bedanken van den Voorzitter, Dr. Mr. A. v. d. Flier, wegens ziekte moet vermelden. Koesterden wij nog de hoop, dat zijn ziekte een gunstig verloop mocht hebben en hij weldra weer de leiding, welke hij tijdelijk had moeten afstaan aan den vice-Voorzitter Mr. Ebbinge Wubben, mocht overnemen, het heeft niet zo mogen zijn. Dr. v. d. Flier heeft gemeend de toestand zo niet langer meer te moeten laten voortduren. Op verzoek van den afgetreden voorzitter zal ik het slechts bij deze vermelding laten.
Ten slotte een persoonlijk woord van dank voor de zeer aangename wijze van samenwerking welke ondergetekende heeft mogen ondervinden van Hoofdbestuur, afdelingen en leden. In een vereniging als de onze is veel werk aan de winkel, doch indien de samenwerking zo is als in het afgelopen jaar, dan drukt dat vele werk niet zwaar en wordt het zelfs tot genoegen.
Met de hoop, dat het jaar 1936 niet alleen een goed honing- en verenigingsjaar mag zijn, doch ook de nodige maatregelen genomen zullen worden om het
gewonnen product lonend te kunnen kwiteren, sluit ik dit jaarverslag met de opwekking om overal waar het maar mogelijk is de aandacht te vestigen op onze zo mooie en interessante bijenteelt en ook op onze zo kerngezonde vereniging.

JOH. A. JOUSTRA, Secr.


Verslag Afdeling Handel over 1935.


Het jaar 1935 was voor Afd. Handel een gunstig jaar wat betreft omzet en finantiële uitkomst. Niettegenstaande lagere verkoopprijzen was de totaalomzet ongeveer f 1500.- hoger dan in 1934.
De rekeningen geven een winst aan van f 731.37, na afschrijvingen en voorzichtige waardering van voorraden.
De kosten voor reclame, welke volgens besluit H.B. mogen worden betaald uit de winst van vorig jaar, werden in de rekening van 1935 opgenomen. Wel werd van het winstcijfer 1934 afgeboekt een bedrag ad f 199.86, zijnde de mindere waarde der vorderingen op AMATO, zoals later uit de eindafrekeningen bleek. De winst 1934 was dus feitelijk te hoog genomen.
De rest van het winstsaldo 1934, groot f 424.04 werd bij Kapitaal gevoegd.
De voorraden Goederen, Was, Kunstraat, Honing enz. werden juist opgenomen en voorzichtig gewaardeerd.
De post Debiteuren is wat hoger dan vorige jaren en wel vnl. omdat door uitbreiding van aantal wederverkopers, zgn. depots, een groter bedrag aan vorderingen naar voren komt. Het totaalbedrag aan Debiteuren is dan ook vrijwel volkomen safe, terwijl voor evt. dubieuse posten alsnog f 167.87 is gereserveerd, zie ook rapport Accountant.
De schuld aan Afd. Suiker is in 1935 weer verminderd en wel met f 1442.92 en alzo gebracht op f 3196.44½. Nog een paar stootjes en Afd. Handel is finantiëel vrij van andere Afdelingen en kan werken met eigen kapitaal.
Tegenover de schuld aan Afd. Suiker ad f 3196.44½ staan als baten Vordering Afd. Vereniging f 400.74
Vordering Afd. Assurantie 9.73
Saldo Spaarbank B.L. 3073.11
Saldo Twentsche Bank 151.72
Saldo Postrekening 1442.02
Saldo Kas 326.98
totaal f 5404.30
Het saldo Crediteuren is bovendien volkomen gedekt door vorderingen op Debiteuren. De finantiële toestand van Afd. Handel mag dus gezond genoemd worden.
De aanmaak van kunstraat was in 1935 weer groter dan in 1934, totaal 2533.8 K.G. De vraag naar grootcellige kunstraat bleef betrekkelijk beperkt totaal 267.1 K.G.
De verkoop van was liep terug daar we een paar vaste afnemers moesten afstaan aan buitenlandse concurrentie. De verkoop van honing was dit jaar f 500.-- hoger dan in 1934. Totale verkoop plm. 8000 K.G., waarvan 1000 K.G. raathoning. Gaarne zouden we deze verkoop nog uitbreiden, echter de leden weten allen met welke moeilijkheden dit gepaard gaat.
Reeds meermalen is in de Commissie ter sprake gebracht aanstelling van een vasten verkoper voor honing en was. Finantiële berekeningen echter waren reden dat hieraan nog geen gevolg is gegeven. Het aantal K.G. dat verkocht moet worden om de onkosten te dekken is beduidend hoger dan als resultaat kan worden verwacht, althans voorlopig. Afd. Handel kan en mag het risico van zo'n proefneming niet dragen. Dat zou alleen kunnen, wanneer straks Afd. Handel finantiëel geheel is vrijgemaakt en bovendien een eigen fonds heeft gevormd voor dat doel. Mogelijk komen we nog eens zover, of is misschien uit andere hoofde daarvoor een bedrag beschikbaar te stellen.

Directeur Afd. Handel
J. VAN DER BEND.

Verslag Afdeling Assurantie over 1935.


Deze Afdeling heeft blijkbaar bij de imkers nog niet de belangstelling welke mocht worden verondersteld. Het totaal verzekerd bedrag liep zelfs wat terug en bedroeg over 1935 totaal f 90350.Aan schade werd over 1935 uitgekeerd f 128.27, de regeling der voorgekomen schadegevallen was weer coulant, evenals in de vorige jaren.
Teneinde aan bezwaren van sommigen tegemoet te komen is met de Assuradeuren overeengekomen gelegenheid te geven voor de grotere bedrijven de risico's te splitsen. Tot nu toe werd verzekerd tegen brand, diefstal en vervoer voor een premie berekend naar f 5.50 per f 1000.-- verzekerde waarde.
A Van nu af kan men verzekeren zijn onroerend goed als bijenstal, tuinhuisje e.d. alleen tegen brand.
B Ofwel men kan zijn bijenstal verzekeren tegen brand, en zijn volken tegen brand en diefstal, dus voor hen die niet reizen.
C Ofwel men kan verzekeren gedeeltelijk tegen brand en gedeeltelijk tegen brand, diefstal en vervoer.
D Eindelijk kan men zijn meerdere zomervolken eveneens verzekeren tegen brand, diefstal en vervoer.
Voor deze splitsing van risico komen uitsluitend in aanmerking verzekerde bedragen van totaal meer dan f 500.-. Kleinere verzekerde bedragen blijven dus onveranderd.
Onder risico van vervoer wordt alleen verstaan de schade aan bijenvolken enz. toegebracht bij een ongeval aan het vervoermiddel overkomen, b.v. botsing van auto of wagen, in een sloot rijden, enz.
En ook dat behoort niet tot de zeldzaamheden, zoals we in 1935 in de dagbladen konden lezen. Helaas waren deze imkers toen juist n i e t verzekerd. Wacht ook gij met een aansluiting tot het ogenblik waarop U enig ongeval is overkomen? Wees verstandiger en verzekert U voor die tijd.
De kosten kunnen voor U geen reden zijn U van aansluiting te onthouden, neen, veeleer moet gij U juist nu aansluiten. Doet het spoedig, het nieuwe verzekeringsjaar is juist 1 Maart ingegaan. Vraagt toezending van voorwaarden en inschrijvingsformulieren.

Dir. Afd. Assurantie,
J. VAN DER BEND.

Verslag Afdeling Suikerlevering over 1935.


In 1935 hadden weer plaats de voorjaarssuikerlevering met een totaal van 143098½ K.G. en de najaarslevering met een totaal van 530341½ K.G.
Totaal 673440 K.G. tegen in 1933 538878 K.G.
ofwel meer in 1935 134562 K.G.
Het jaar 1934 past in deze vergelijking niet, omdat toen een extra hoeveelheid van 2½ K.G. kon worden beschikbaar gesteld.
De suiker werd zo goedkoop mogelijk geleverd. Immers de rekening sluit met een saldo van f 415.19½, terwijl uit hoofde van huur en interest al een bedrag van f 1341.18 werd verkregen.
De marge op de voorjaarslevering was dan ook nihil, terwijl de marge op de najaarslevering zo laag werd gesteld als maar even mogelijk was.
Op de suikerlevering zelve werd enig verlies geleden feitelijk, hetgeen echter werd gecompenseerd door inkomsten uit anderen hoofde op die Afdeling.
De medewerking van Afdelingsbesturen voor goede en juiste verantwoording wordt steeds beter, we hopen dat zulks zo zal blijven voortgaan. Met het oog op de bestellingen op aanstaande suikerleveringen zouden mogelijk nog enige verbeteringen zijn aan te brengen. In het midden van de leveringstijd komen n.l. de bestellingen in zodanig tempo binnen, dat alles niet zo vlug kan worden afgeleverd als bestellers dit wel zouden wensen. De mogelijkheid van verwerking en verzending is wel tot het hoogst mogelijke opgevoerd, rest dus alleen nog enige verdeling van bestellingen over langer termijn, in die zin, dat de eerste bestellingen wat konden worden vervroegd. Willen H.H. Bestuursleden van Afdelingen zonder najaarsdracht hieraan eens aandacht schenken. In streken met najaarsdracht valt de bestelling allicht wat later, doch in streken met nagenoeg uitsluitend zomerdracht is dat niet nodig.
Indien dit mogelijk was zouden onze werkzaamheden daardoor wat kunnen worden verdeeld en een vluggere afwerking van bestellingen kunnen worden bevorderd. Het volgende staatje geeft daarvoor wel aanleiding, dunkt ons Wij ontvingen n.l. op 15 Augustus de eerste zending van 500 zakken en daarna op 26 Augustus eveneens 500 zakken.
Daarna op 30 Aug., 5 Sept., 11 Sept., 17 Sept., 20 Sept. en 25 Sept. telkens 600 zakken, en op 28 Sept., 3 Oct. en 25 Oct. de laatste partijen.
Het Effectenbezit is thans gestegen tot nom. f 10000.- Ned. Staatsschuld 4%, deze zijn op de balans geplaatst tegen koerswaarde 31 Dec. 98½% en het koersverschil op kapitaal afgeboekt.
De vaste eigendommen, Woonhuis en Pakhuis zijn in 1935 geschilderd en in het woonhuis werd een badkamer ingericht, een en ander zamen voor een bedrag van f 543.38. Deze werkzaamheden werden aanbesteed en uitgevoerd onder toezicht van een Architect.
Voor het meerdere meen ik, dat cijfers voor zichzelf spreken en nadere toelichting overbodig is.

Directeur Afd. Suikerlevering,
J. VAN DER BEND.

~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~


WAGENINGEN, 28 Januari 1936.
Aan het Hoofdbestuur der Vereniging tot
Bevordering der Bijenteelt in Nederland.

Mijne Heren,
Bijgaand heb ik de eer U de Balansen en Verlies- en Winstrekeningen van de vier Afdelingen Uwer Vereniging aan te bieden. De winstsaldo's van Afd. Handel, Vereniging, Suiker en Assurantie bedragen resp. f 751.37, f 870.48, f 315.19½, f 145.08½. De boekhoudingen der Afdelingen werden regelmatig gecontroleerd en behoudens kleine onjuistheden, welke hersteld werden, in orde bevonden.





Het volgende is nog op te merken bij de verschillende Afdelingen:

Afd. Handel.
Het Winstsaldo van 1934, groot f 623.90, werd bij het kapitaal gevoegd, nadat in mindering van dit winstsaldo gebracht werd f 199.86 kosten Amato, welke volgens Uw besluit in mindering van dit bedrag konden worden gebracht. De vorderingen op enkele Debiteuren, welke oninbaar bleken te zijn, werden in mindering gebracht op de rekening reserve Dubieuze Debiteuren. Tevens werd dit jaar, in verband met de tijdsomstandigheden, de reserve op Dubieuze Debiteuren met f 150.- verhoogd. Het bedrag dat thans voor wanbetalers is gereserveerd, is voldoende om de twijfelachtige vorderingen te dekken.

Afd. Suiker.
De effecten werden voor de koerswaarde op de balans gebracht.
Het nadelig koersverschil werd in mindering van het suikerfonds gebracht, evenals de bijdrage aan het honingcontrolestation, groot f 1000.-, welk bedrag beschikbaar is gesteld in de Algem. Vergadering van 1 Mei 1935. Tevens werd de winst van 1934 bij het Suikerfonds geboekt.
De vastgestelde afschrijvingsbedragen werden in mindering gebracht op de waarde huis, pakhuis en meubilair.

Afd. Assurantie.
Bij deze Afdeling werd rekening gehouden met de vooruitbetaalde premies van verzekering, evenals met de vooruitbetaalde herverzekeringspremie.

Afd. Vereniging.
De voorraden insignes, wikkelpapieren, folders enz. werden mij opgegeven door Uw secretaris. Ze werden tegen kostprijs op de balans opgenomen.
Het bedrag uitgegeven voor de bibliotheek is dit jaar enigszins hoger, daar bleek, dat verschillende boeken onderhoud nodig hadden in verband met de verplaatsing naar de bibliotheek van de landbouwhogeschool.
De controle op de advertentiën, welke in het vorig rapport ter sprake is gebracht, is nu afdoende.
Van het reservefonds werd dit jaar afgeboekt: aanleg Bijentuil f 115.64, terwijl bijgeboekt werd de rente van hèt Belegd Reservefonds.
In mindering van het Winstsaldo 1935 werd gebracht het saldo Verlies 1934, groot f 413.04, hetgeen ook voorkomt op de begroting 1935.

Hoogachtend,
(get.) K. RINZEMA, accountant.

Errata.
Verlies- en Winstrek. over 1935 Afd. Suiker (pagina 69). Winstsaldo moet zijn f 315.19.


Boekencontrole.
Ondergetekenden, afgevaardigden van de afd. Barneveld II en Amsterdam hebben op 15 Februari 1936 de boeken en bescheiden van de Afd. Handel, suiker, assurantie en vereniging gecontroleerd en in orde bevonden en stellen voor de functionarissen te déchargeren.
De notulen van de jaarvergadering 1935 zijn voorgelezen en onveranderd goedgekeurd.
De controlecommissie,
get. W. v. 't LAND.
get. B. v.d. PUTTELAAR.


Bibliotheek. - Belangrijke aanwinsten 1936.
D II N. 64 Ewert Dr. Prof. Das Honigen des Rothklees 1936
D II N. 65 onze voornaamste drachtplanten. 1936.
VI N. 52 Das Ende der Bienenwolfgefahr. 1936.

Voorjaarssuikerlevering.
De Regering heeft weer goed gevonden, dat dit voorjaar wederom 2½ K.G. suiker per te overwinteren volk kan worden geleverd. Met de najaarslevering 1935 mede, dus in totaal 10 K.G. per opzetter.
Nadere mededelingen, zoals prijs en voorwaarden zullen aan onze afdelingen, correspondentschappen en verspreide leden nog deze week worden toegezonden.
Alles wat de suikerlevering betreft te richten tot HET BIJENHUIS WAGENINGEN.

Cursussen en lezingen bijenteelt 1935/1936.
Dringend wordt verzocht om de verslagen, rekeningen en verantwoordingen benevens de declaraties en kwitanties ten spoedigste te doen toekomen aan den alg. secr., zulks om moeilijkheden bij het uitbetalen van het Rijkssubsidie nu en in de toekomst te voorkomen.

Binnengekomen prijscouranten.
Afdeling Handel komt weer met haar bekende prijscourant uit. Ons treft steeds de logische indeling, waarbij het de bestellers gemakkelijk wordt gemaakt hun benodigdheden te noteren. Ze is weer rijk geillustreerd.
Van KLABOFIA te Apeldoorn ontvingen we een keurig uitgevoerde prijscourant van bijenteeltartikelen. Enkele nieuwigheden treffen we er in aan. zoals: Carbolluchtblazer, Darrenkunstraat en zeer dunne kunstraat, benevens onschadelijke electrische draadinsmelter. Aangekondigd wordt tevens de levering van venstercartons in kleurendruk voor verpakking sectiehoning.

Examen Bijenteelt.
Aan belanghebbenden wordt medegedeeld, dat er examen in de eerste helft
van Juni zal plaats vinden. Aanmeldingen voor 1 Mei a.s.

Bericht.

Wegens ongesteldheid kan ik tot mijn spijt de Vragenrubriek voor het Maart-nummer niet beantwoorden.
Ik hoop echter spoedig zover hersteld te zijn, dat ik in het April-nummer mijn schade dubbel kan inhalen.
Er zijn o.a. ook enkele vragen ingekomen over het plaatsen van bijenvolken in de Wieringermeer. Ik verwijs naar hetgeen hieromtrent in het Februari-nummer onder "Officiële Mededelingen" op blz. 44 "Wieringermeercandidaten" gezegd is en zult U dit ongetwijfeld reeds hebben gelezen.
A. OONK.