Officiële mededelingen.
Kort verslag van de Hoofdbestuursvergadering van 19 Februari 1936 in Hotel Noordbrabant te Utrecht.
Afwezig is dhr. Thiel. Beide Rijksbijenteeltconsulenten zijn aanwezig.
De wnd. Voorzitter opent met enkele hartelijke woorden de vergadering en deelt mede, dat Mr. v. d. Flier wegens voortdurende ziekte gemeend heeft te moeten bedanken. Dhr. v. d. Flier is in een moeilijke tijd voorzitter geworden en heeft zeer veel verdienste voor de vereniging. Spreker hoopt, dat hij spoedig mag herstellen.
De notulen worden vervolgens goedgekeurd. Dhr. ter Brugge vraagt naar aanleiding van de notulen waarom onze Vereniging geen handel mag drijven. Spreker is van een andere mening. Dhr. Ebbinge Wubben zal de Wet nog eens naslaan.
Verschillende ingekomen stukken worden behandeld. Zo van Dr. de Boer over oneerlijke concurrentie, van Directie Wieringermeerpolder over staangeld bijenvolken. Mr. E. W. zal op het Departement de zaak van oneerlijke concurrentie bespreken en Joustra naar de Directie Wieringermeer gaan. Besloten wordt het examen bijenteelt af te nemen in de eerste helft van Juni. Op een besluit van het H.B. om indien de Rijksmerken duurder worden aan onze eigen leden het meerdere bedrag uit onze kas terug te betalen wordt teruggekomen, naar aanleiding van een conferentie met de Zuidelijke bonden. Voorgesteld zal nu worden aan de A.V. om die eventueel meerdere kosten uit het reservefonds N.H.C.S. te doen betalen. Dhr. Versteeg maakt enige bezwaren. Mensen, die niet willen toetreden, moeten nu indirect tóch in de kosten bijdragen. Dhr. v. d. Berg is van een andere mening. We moeten doen in het belang van de bijenteelt wat we kunnen en ieder kan toetreden. Dhr. de Visser voelt voor de opmerking Versteeg, dhr. Schaafsma slechts gedeeltelijk, aangezien de niet-Rijksmerkvoerders plm. 2 ct. per pond voordeel hebben, daar zij geen R.M. betalen. Dhr. ter Brugge is van oordeel, dat we die zaken ruim moeten bezien. Dhr. E. W. zegt, dat hier alleen aan de orde is een andere wijze van betalen. We moeten niet steeds op hetzelfde terugkomen. Ten slotte blijkt, dat dhr. Versteeg niet tegen is. Wordt aangenomen aan de A.V. een voorstel te doen.
Eveneens wordt na bespreking en toelichting door dhr. E. W. en Minderhoud besloten aan de A.V. een voorstel te doen om een proefstation bijenteelt in samenwerking met de Zuidelijke bonden en met steun van de Regering te Wageningen in te richten. Dhr. Minderhoud zal dit voorstel op de A.V. toelichten. Nadat de wnd. Voorzitter zich heeft verwijderd wordt over een candidatuur Voorzitter gesproken. Besloten wordt om Mr. E. W. als no. 1 en de Heren Dr. Bruijel te Haarlem, Doom te Kampen, Kroes te Amsterdam, Versteeg te Apeldoorn en Wilhelmus te Apeldoorn in alphabetische volgorde op de candidatenlijst te plaatsen. (dhr. Kroes heeft inmiddels bedankt).
Nadat dhr. E. W. het voorzitterschap weer heeft overgenomen (tijdens diens afwezigheid zat dhr. de Visser voor) wordt het voorstel Vries-Zuidlaren over honingblikjes besproken. Besloten wordt, dat het H.B. die zaak zal overwegen
in verband met een aan de hand gedaan idee van dhr. Schaafsma. 't Is echter geen punt voor de A.V. Langdurig wordt gesproken over bescherming bijenteelt. Het plan van Joustra zal wel geen goed onthaal vinden bij de Regering; dat van Minderhoud misschien wel. Vervolgens wordt medegedeeld, dat de firma de Waal weer gunstiger verzekeringsvoorwaarden heeft voorgesteld, waarop door het H.B. zal worden ingegaan. Balansen, Winst- en Verliesrekeningen en begroting 1936 worden vervolgens goedgekeurd. Ook worden de opmerkingen en amendementen concept Huish. Regl. besproken en er zullen prae-adviezen worden gegeven. Geen prae-advies zal worden gegeven op voorstel den Haag c.s. om reis- en verblijfkosten H.B. te herzien.
Datum A.V. wordt vastgesteld op 16 April a.s. Agenda zal worden opgemaakt door wnd. Voorzitter en Secr.
Tenslotte wordt besloten dit jaar de Imkersdag te Kampen te houden. Niets meer aan de orde zijnde wordt de vergadering gesloten.
De secretaris, JOH. A. JOUSTRA.
Verslag van de Bibliotheek over het jaar 1935.
Het jaar 1935 is een mijlpaal in de geschiedenis van de Bibliotheek, omdat door de overbrenging der boeken naar de Bibliotheek van de Landbouw Hoogeschool deze ook ter beschikking komen van alle imkers en alle belangstellenden in de Bijenteelt van geheel Nederland. De behoefte aan een goede bewaarplaats voor de boeken bestond reeds lang, vooral met het oog op brandgevaar. Vooral onze Voorzitter Mr. Dr. A. van der Flier ijverde daarvoor; een opberging van de kostbare boeken in een kluis had praktische bezwaren. Zonder bezwaar mag nu worden aangenomen, dat er geen gevaar voor brand meer bestaat, zodat de verzekering tegen brand kon worden opgezegd. De ruimte, die voor de Bibliotheek beschikbaar is gesteld, is ruim voldoende, ongeveer de helft ervan is in gebruik genomen. Naarmate het aantal boeken toeneemt, neemt ook de Bibliotheek een grotere plaats in. Een voordeel is ook de franco toezending van boeken; dit deed het aantal verzendingen merkbaar toenemen en klom tot 333, waaronder 6 reis-bibliotheken, wat nog nimmer voorkwam. Voor Engelse boeken was een tweede kolom nodig. Een gevolg van de vele aanvragen was, dat er vooral van de Nederl. werken een tekort ontstond, zodat de aanvragers teleur werden gesteld. De Bibliotheek is altijd bereid bijenboeken over te nemen voor zover daarvoor geld beschikbaar is. Dikwijls worden boeken opgeruimd door nabestaanden, die de waarde er van niet kunnen beoordelen, o.a. oude jaargangen van buitenlandse tijdschriften. Dringend verzoek ik dan om enig bericht ervan. Het streven van een Bibliothecaris moet zijn de collectie boeken zo compleet mogelijk te maken. De uitgaven voor de Bibliotheek zijn dit jaar hoog geweest, er was op 1 Januari reeds een nadelig saldo van f 35.72 1/2, nu kwam daarbij een groot bedrag voor onderhoud der boeken. Alle hoeken hadden een omslag omdat de zolder van het Bijenhuis, waar de boeken bewaard werden, niet stofvrij was. Nu een verwarmde kamer beschikbaar kwam, was een omslag niet meer nodig, zodat deze van de boeken in vreemde talen zijn afgenomen; hierdoor werd het noodzakelijk vele boeken opnieuw te laten inbinden. Ik ondervond daarbij van het Hoofdbestuur alle medewerking, zodat de Bibliotheek een goede indruk maakt. Nu ben ik altijd bereid aan belangstellenden de Bibliotheek te laten zien, als datum en uur te voren worden opgegeven. Honing en was als producten van de Bijenteelt zijn vanaf de vroegste tijden bekend, dit is de oorzaak, dat de litteratuur over de bij zo uitgebreid is. Wie dit gezwam noemt, vergeet de betekenis van de bijen voor de cultuur. Onze Bibliotheek is op geen stukken na compleet; maar voor zover mij bekend in ons land een van de grootste op dit gebied en ieder jaar kan enige aanvulling geven.
WAGENINGEN. De Bibliothecaris, L. J. VAN RHIJN.