Het winnen van raathoning in kasten.


Waar de slingerhoning de laatste jaren slecht tot zeer slecht in prijs is en daartegenover de raathoning beter betaald wordt, is het niet te verwonderen, dat de imker zich meer en meer gaat toeleggen op het winnen van raathoning. Deze honing kan echter onmogelijk in zo'n grote hoeveelheid gewonnen worden als de slingerhoning omdat
1. de zomerhoning niet voor raathoning geëigend is en
2. een goede heidedracht hier te lande tot de zeldzaamheden behoort.
Al is de prijs van raathoning dan ook 3 á 4 maal zo hoog als die van slingerhoning, dan nog rijst de vraag of het uitsluitend beoefenen van deze bedrijfswijze lonend zal zijn.

Mijn mening is, dat het grootste rendement in de bijenhouderij verkregen kan worden, door te profiteren van hetgeen de dracht ons biedt. Is er slingerhoning te winnen dan dit doen en lijkt het, dat er raathoning te oogsten zal zijn, dan ook deze gelegenheid hiervoor benutten.
Zomerhoning is niet geschikt voor raathoning, omdat hij spoedig kristalliseert. Gekristalliseerde raathoning is niet gewild. Is zomerraathoning nog niet gekristalliseerd, dus nog vloeibaar, dan is dit een schadelijk artikel voor den winkelier of handelaar omdat de gesneden kanten (de beschadigde cellen) direct leeg lopen, wat een aanmerkelijk gewichtsverlies betekent.
Willen we met succes raathoning winnen, dan moeten we in de eerste plaats een goede heidedracht hebben. Verder moet gezorgd worden voor wat betreft het raampje waarin deze zal worden gewonnen, dat:
1. het reepje voorbouw goed vast aan de bovenlat is bevestigd ;
2. de gebruikte kunstraat niet te dik is;
3. het reepje kunstraat niet te breed is, vooral als niet de zeer dunne
kunstraat wordt gebruikt;
4. de raampjes een onderlinge afstand hebben van minstens 35 m.m.;
5. de raampjes vervaardigd zijn van mooi wit hout waarvan de latjes aan alle zijden geschaafd zijn.

1. Hoe krijgen we het reepje voorbouw goed vast aan de bovenlat?
Soms worden ramen gebruikt waarvan de bovenlat voorzien is van een zg. zaagspleet. De raat kan dan, nadat de spleet geopend is, ingeschoven worden, waarna de spleet weer gesloten wordt. Zonder meer zal meestal de raat dan nog niet vast genoeg zitten. We kunnen dan langs de raat een beetje vloeibare was laten lopen, waardoor raat en latje hechter verbonden worden. Ook wordt de raat wel eens wat verder door de spleet geschoven, zo, dat een gedeelte der raat aan de bovenkant van het latje uitsteekt. Dit uitstekende gedeelte wordt dan wat heen en weer gebogen, zodat ook op deze manier de raat vast genoeg zit (of met een warm mes er over heen gestreken. Red.) Beide manieren hebben echter het nadeel, dat meer kunstraat wordt gebruikt, dan nodig is. Wordt inplaats van een spleet een groef in de bovenlat aangebracht, dan kan met minder raat worden volstaan. Hier kan de raat niet anders in worden bevestigd dan door het aangieten met was. Voor deze bewerking zijn verschillende instrumentjes in de handel verkrijgbaar, o.a. de diverse modellen gietlampjes.
Een buitengewoon handig, practisch en goedkoop instrumentje voor dit doel is een pipet, dat is zo'n glazen buisje met een gummiballetje of speen er aan, dezelfde die ook wel gebruikt worden voor het vullen van sommige vulpenhouders. We hebben dan daarnaast nodig een blikken busje waarin enige stukjes was op een afgedankt spirituslampje. Verdere gebruiksaanwijzing zal wel overbodig zijn. Het buisje wordt in het busje geplaatst en na leeggespoten te zijn direct weer in het busje gedeponeerd. Het te behandelen raampje wordt het schuin gehouden, zodat het was er zo dun en zuinig mogelijk langs loopt. Het verdient aanbeveling de raat ter weerszijden aan te gieten.
Hiermede hebben we dus voldaan aan de eerste eis wat betreft het raampje waarin de honing zal worden gewonnen. Over de andere voorwaarden een volgende maal.

BABBERICH. G. MEIJER.