De 14e Nederl. Imkersdag.
Nog slechts enkele dagen scheiden ons van de imkersdag te Kampen en wie zich nog niet heeft aangemeld zal dit toch zeker wel zeer spoedig doen. Weliswaar is de sluitingstermijn 1 September, maar men begrijpt wel, dat, als we zolang wachten wij het onze gastheren zeer moeilijk maken, want in een luttel aantal dagen moet dan nog alles geregeld worden.
Laten wij van onze kant het onze gastheren gemakkelijk maken en reeds nu ons aanmelden. Uit ervaring is het ons bekend, dat velen wachten tot het laatste nippertje en zelfs nog na de sluitingstermijn zich komen aanmelden.
Waar is dat nu eigenlijk nodig voor? Wenselijk is dit zeker niet en nodig toch feitelijk ook niet.
Ons wacht een heerlijke dag. Al onze imkersdagen zijn goed en het bezoeken meer dan waard, doch Kampen is een oude bekende en wie de vorige imkersdag te Kampen heeft medegemaakt, weet, dat hij geen kat in de zak koopt. Wie herinnert zich niet die gulle gastvrijheid, welke al eens eerder ons deel was? Wie zou nog niet eens willen terugkeren in dat aardige oude stadje met zijn mooie poorten, zijn bekoorlijke singels en zijn heerlijke plantsoenen ?
Wie hunkert niet naar een heerlijk tochtje over het IJsselmeer naar het eiland Urk? Wie zal déze gelegenheid willen missen? Stellig niemand!
De gelegenheid om eens in Urk te komen is nooit zo gunstig geweest en die zal er stellig ook nooit weer komen. Binnen afzienbare tijd behoort Urk tot het vaste land, is het geen eiland meer en als men later ons mocht vragen of we dit eiland wel eens bezocht hebben, dan moet wel een gevoel van spijt bij ons opkomen als we met „neen" moeten antwoorden en zeker een zeker zelfverwijt ons treffen, als we bedenken, dat we er zo gemakkelijk toe in de gelegenheid waren geweest.
Maar hoe zullen we ons voelen, wanneer we later in de Noordooster onze bijenvolken behandelende kunnen zeggen: "weet je wel, dat ik hier al eens gevaren heb? Toen was alles nog zee en nu, zover je zien kan, heerlijke vruchtbare akkers". En men denkt dan in zoete herinnering nog aan die tijd en aan Kampen, dat ons in de gelegenheid heeft gesteld om dit alles te kunnen vertellen.
Wie zich even wil realiseren, dat Kampen het klaar speelt om voor f 1.50 ons niet alleen een heerlijke boottocht te schenken, doch ons tevens die dag te verkwikken en laven, die zal stellig niet langer wachten om zich aan te melden. Het werk voor Kampen, het genot voor ons! Maar we weten het, het is geen onaangenaam werk en liet wordt des te aangenamer als onze gastheren zien, dat we in drommen opkomen.
En dan nóg iets. We zijn er in geslaagd om een onderwerp te laten inleiden, dat de belangstelling heeft van iedere imker, n.l. het "verwisselen en toezetten van koninginnen", wel een van de moeilijkste problemen uit de bijenteelt.
En als we dan weten, dat dit onderwerp zal worden ingeleid door een alleszins bekwaam en begaafd grootimker, n.l. dhr. G.J. Meijer te Babberich, dan zullen we stellig niet dralen ons onmiddellijk op te geven. Eén enkele mislukte verwisseling van een moer kost ons meer, dan de volledige reis met toebehoren naar Kampen. Daarom: allen op naar Kampen; niemand blijve thuis!
JOH. A. JOUSTRA.