De 14e Nederlandse imkersdag.
We zullen dit keer geen "officieel" verslag van deze zo uitnemend geslaagde fijne dag geven, doch enkele deelnemers aan het woord laten. Men kan daaruit beter, dan ondergetekende dit zou kunnen, zien, hoe onze genodigden zo'n dag en vooral déze dag vinden.
Het aantal deelnemers (en vooral niet te vergeten deelneemsters) bedroeg bijna 700. Alvorens het woord te geven aan enkele deelgenoten spreken wij hier onze hartelijke dank uit aan het bestuur van afd. Kampen voor de zo uitnemend geregelde dag en de zo hartelijke ontvangst. Niet in het minst ook Kampen's gemeentebestuur, dat de IJsselbrug liet tooien met vrolijk wapperende vlaggen en gedurende de rondwandeling het carillon vrolijke wijsjes liet spelen. Al met al, "een fijne dag".
Door een buitenstaander, die deze dag meemaakte, werd de opmerking gemaakt, dat het hem trof, dat onder dit gezelschap, uit verschillende delen van ons land saamgekomen en van zulk een uiteenlopende maatschappelijke positie, zulk een kameraadschappelijke, gemoedelijke en gezellige toon heerste. Geen clubjesvorming en geen enkele wanklank. Mijn enige antwoord was, dat dit het geheim van onze imkers is, mét en vóór elkaar. En het antwoord van onzen medereiziger luidde prompt: "hier valt er voor de mensheid nog iets te leren."
En nu het woord aan enkele deelnemers.
RED.
DENEKAMP, 18 Sept. 1936. - Zeer geachte Vrienden,
In de naam der gehele vereniging Bijenteelt Afdeling Denekamp komen wij U onze hartelijke dank brengen voor de prachtvolle Imkersdag die wij genoten hebben te Kampen, aan allen oprechte dank die hebben meegewerkt tot het welslagen van die aangename dag die ons aller verwachting overtrof.
Namens het Bestuur, J. H. VOPPEN, Secr.
Imkersdag-indrukken.
Wanneer wij ons na afloop van de 14e Imkersdag op de 4e en 5e September j.l. in Kampen gehouden, nederzetten tot het schrijven ener korte nabetrachting, dan brengen wij in de allereerste plaats een woord van warme dank en hulde aan het Bestuur der Afdeling Kampen en aan allen die hunne medewerking verleenden tot het doen slagen van deze Imkersdag. Wij begrijpen dat er bergen werk zijn verzet om tot het bereikte resultaat te komen. De organisatie was, laten wij het met een populaire uitdrukking zeggen: "dik in orde".
Wij maakten alleen de tweede dag mede en toen wij de poorten van Kampen waren binnengekomen constateerden wij met genoegen de grote opkomst der imkers, die met hunne dames van heinde en verre gekomen, de grote zaal der Buiten-Societeit binnenstroomden. Het programma scheen overladen, doch het liep vlot. Onze Voorzitter, de Heer Mr. Ebbinge Wubben, opende met een kernachtige speech, en het bleek, dat het Kampense Gemeentebestuur ter plaatse vertegenwoordigd was door H.H. Burgemeester en Wethouders vergezeld van den Heer Gemeente-Secretaris. In de rede die de Burgemeester uitsprak, gaf hij blijk van belangstelling in het leven en werken der imkers en uit het applaus dat daarop volgde, bleek dat zijne woorden zeer op prijs werden gesteld.
De heer Meijer uit Babberich besprak practische dingen, en de gedachtenwisseling daarover was vlot; tenslotte bracht een imker de lachspieren in beweging. De wandeling door Kampen was jammer genoeg te kort, de mooie oude gevels die wij er zagen, zijn waard langer te worden bekeken.
Dan kwam de clou van de dag, de boottocht naar Urk. In drie mooie en goed ingerichte boten embarkeerden de imkers en hunne genodigden en begunstigd door goed weer ging het IJsselmeerwaarts. Er werd langs Schokland gevaren en tijdens de vaart verschenen de lunchpakketten. Wat moeten we daarvan zeggen ? Dat was famoos, er viel wat veel en wat goeds te bikken, imkers van Kampen, jelui weten hoe 't moet, we kunnen niet zeggen dat we honger moesten lijden, het was geweldig.
Urk werd bereikt en met de muziek voorop ging het in de beste stemming door het eiland, waar de thee alweer geserveerd stond en waarbij Urker koek.
De klok stond echter niet stil en na korte tijd begon de inscheping voor de terugtocht. Dank zij de onvermoeide muzikanten bleef de stemming er in, want de zon was schuil gegaan, nu en dan regende het. Ja, die muziek verdient een dubbele pluim, die speelde nu en dan: "Houdt er de moed maar in", wat uit volle borst werd meegezongen. Terug in Kampen ging het weer naar de Buiten-Societeit waar thee en gebak werden geserveerd en daarna de sluiting door den Voorzitter. Het lied was uit. We gingen weer zeer voldaan naar huis, het was voor ons een mooie dag geweest, doch een zware voor de Kampense imkers, die echter met voldoening en trots op hunne prestatie kunnen terugzien.
EEN IMKER.
[Uit Den Helder]
Het begin was direct al goed daar in Kampen. Neen, ik bedoel niet de welkomsspeech van onzen Voorzitter, ook niet de vlotte en geestige toespraak van Kampen's burgervader, evenmin de boeiende en zeer goed te volgen lezing van den heer Meijer over het toezetten van moeren, neen, ik bedoel hem, dien, onzen imkerbroeder van ik weet niet waar vandaan, aan wien een groot kunstenaar verloren ging. Was niet de wijze waarop hij ons in een handomdraai bewees, dat eierleggende werkbijen en idem darren niet bestonden, onnavolgbaar? Nu had niemand en zeker niet de heer Meijer de darren beschuldigd van deze natuurwetsovertreding, maar opposants bewering: "Wanneer je bij de haan de kippen weghaalt, al geef je dien haan dan nog zoveel te vreten, hij legt toch nooit eieren", was daarom niet minder geestig en zeer zeker waarheidsgetrouw.
Prettig was evenwel dat deze imker die, als ik het zo bekijk aan de manier waarop hij het afjagen van een volk ten tonele demonstreerde, de praktijk van het bijenhouden wel onder de knie heeft, door zijn ongedwongen en komische manier van debatteren, direct de sfeer schiep van genoegen en vrolijkheid, welke tot het slagen van deze imkersdag zeker bijdroeg.
De Urkerboten waren mede schuld aan het verdere verloop. En ja, waarom was dat lunchpakket nou zo overdadig gevuld en waarom was dat spul zo lekker? Daar moesten ongelukken van komen. En die kwamen.
't Ging nog wel op de IJssel. De koffie was prima en er werd veel gegeten, helaas.
Gezelligheid maakt de tongen los en overal kreeg men contact. Ze werden "bruin gebakken" over boog- en bisschopkorven, over Kuntsch-, Buckfast-, Zander-, Alberti en weet ik veel kasten. Over...ja, over de Wieringermeer en de enorme massa's "slingerwater" van 't jaar.
Toen gebeurde het onvermijdelijke. Er stond er een op. 't Was een van onze nieuwe vrienden, ik meen uit Rijssen. Hij rees resoluut overeind. Wilde nog wat zeggen. Zei toen niets. Leek wel een pietsie bleek. Ging maar even "buiten kijken".
Wat zei verdraaid die burgemeester van Kampen toch weer van dat lunchpakket?
De andere Rijssenaar hield zich taai. Wel zag hij wat verschoten en bleek de broeiwarmte van het kajuitje niet bevorderlijk voor zijn verzet; hij klemde de tanden op elkaar en beet zich er tot Urk door.
Na de "happy landing" in "Lubbert's Home", werd thee gedronken, muzikaal rondgewandeld, paling gekocht en waarachtig gegeten ook (hoogmoed kwam voor de val, dames!) en vooral moed voor de weg terug verzameld.
Zo gaandeweg was het zoetjes beginnen te regenen en werd het zomerwindje een wind.
Maar, de gedrieëndeelde Kamper Harmonie hield er de moed in en dra was de haven in zicht.
Dankbaar en voldaan, het een zowel als het ander in de ruimste zin des woords, kwamen wij weer te Kampen aan, waar wij nog even gezellig samen bleven en van het gebak en de thee der afdeling Kampen, welke op deze imkersdag, ondanks het minder gunstige weer, met voldoening mag terugzien, genoten.
Nieuwe kennismakingen werden een feit, oude vriendschappen werden vernieuwd.
Te middernacht arriveerde de trein in het uiterste Noorden van Holland. Wij waren vast niet het eerste thuis.
Nu, deze avond, dat wij napraten over de gebeurtenissen, dondert de wind met orkaankracht langs de kust en is het gebrul van de Noordzee in ons huis aan de duinvoet duidelijk hoorbaar.
We troffen met de imkersdag goed weer --- betrekkelijk dan --- zegt mijn vrouw.
DEN HELDER. C. J SCHELLINGER.
EEN MERKWAARDIGE ZWERM.
Zuchtend rolt de overvolle motortrein het station van Kampen binnen
Het stille station, grote holle vertrekken. Nu ineens vol leven, gezoem, gepraat. Het imkersvolk zwermt uit. Dit is de voorzwerm met de "olde keunig".
...............
Langs de wegen ronken de motoren van auto's en bussen, volgeladen met imkers uit alle landsdelen.
Nazwermpjes bij de vleet.
...............
"Imkers worden losgelaten op onze goede stad Kampen". ...............
De Afd. Kampen heeft de zware taak al deze zwermende Imkers te scheppen, ze samen te voegen tot een ordelijk, rustig volk.
Om de Buiten-Societeit kluwen de zwermen aaneen, wachtend op de roepstem van "de oude koning".
Een flinke, grote kast hebben de Kampenaars de imkers tot tijdelijke woning bestemd. Van een zeer bijzonder model. Geen Buckfast-systeem, noch Kuntzsch-zwilling of weet ik veel wat voor een naam eraan gegeven wordt. De raten staan in warme bouw, maar het broednest is apart op een verhoging. De cellen vaak erg klein naar verhouding tot de zware, grote bijen, die er op plaats namen (alzo: kleincellige kunstraat gebruikt!)
Als de kast volloopt ontdekken we vele Ned. Goud(en)bij koninginnen er tussen, gekocht a 10 ct. (billijk!)
De raten bezetten zich spoedig dik met bijen (id. met dikke bijen - niet alle darren, hoor!)
Maar allen gaan er niet in, voor de vlieggaten blijft het krioelen en druk zoemen.
Dan tuut de oude koningin vanuit het broednest tot zijn immen en deszelfs koninginnen (Achter in de kast: "Harder, we kunnen er niets van verstaan".)

Volle aandacht voor de --- De "muzikale" wandeling door urk
rede van den Inleider.
Weetgrage bijen dringen naar voren....
Weer tuut er iets in het broednest. Een stem, niet van het bijenvolk. Een hommel wellicht?
- Begroeting van de zwermende Imkers...Zwermende bijen steken
niet...Rustige imkers...In 6 weken is men in de goede stad Kampen
nog niet uitgekeken Deze week met een koninginnedag begonnen, en met een koninginnedag geëindigd Leve de koningin!!! ...............
Weer tuut er iets in het broednest... („Harder, we kunnen het niet horen"). Er komt nu een krachtig geluid...een jonge koning. En één van het imkersvolk.
- "Hoe zetten we koninginnen toe?"...Een zeer riskante onderneming... Honingdeeg als "uitvreter" (Heer Meijer, is dit niet nog een beter woord ?) ... Van de 27 toegezette koninginnen gingen er 7 verloren, wordt verteld. -

"Verplegers" en "Verpleegsters"
verkwikten en laafden
de "opvarenden".
-- Verwisselen gaat beter... Stille verwisseling ('t Volk en moer voelen, dat de koningin niet goed genoeg meer is. Er worden een paar moerdoppen aangezet. De eerst uitgelopen moer wordt de baas-in-huis (baas-in-huis is vrouwelijk!!!) De oude moer mag nog een poosje rondwandelen...
... De imkers verwisselen de slechte moer (onregelmatig broed ...weinig broed ...beschadigd) voor een betere ... Met een koninginneteeltkastje van 3 ramen (het hele reservevolkje in de moerloze kast overbrengen, eerst in het midden ruimte maken voor de drie ramen. De buitenste eerst er in, dan het middenste raampje met de moer er op. Voor en na iets voeren... Gelukt altijd. -
... Pauze
Dan begint de bebroeding der raten.
Op sommige plaatsen lopen de bijen warm ...Enkele dringen naar voren naar de koningsplaats, zoemen er luid:
-- "Hoe gaat het toezetten van koninginnen van een ander ras""Anders gekleurde koninginnen vallen direkt op, 't gaat dus zeer moeilijk" - - Even een kleine opmerking: geen basterd-suiker in Uw uitvreter, maar poedersuiker". -
Een heel warm gelopen bij:
- "Als de bevruchting langer dan twee dagen, een week op zich laat wachten, is er met de moer iets niet in de haak. Ik wil zo'n moer niet meer hebben... Weg er mee!
"Wilde gij mij vertellen, dat de werkbijen eieren leggen. Werkbijen leggen geen eieren. Waar motten ze de eieren van daan halen, ze hebben toch genen eierstok"
Veel gelach, veel lawaai...Stilte! Stilte!...
"En nou een goed middel tegen de mieren?! Gaat naar moeder de vrouw en laat die de koffie heel fijn malen. En daar doet gij wat aluinpoeder doorhenen. Als gij dit om uwen korf of kast strooit, goan de mieren direkt weg en komen nooit weerom!!" -
...De kast loopt warm. Het volk wordt zeer onrustig, slaat met alle poten en zoemt zeer luidruchtig.
De oude koning tracht zijn bijen tot rust te brengen. Doch het mag niet baten. De immen zitten niet meer vast op de raten. Vliegen er af. Verlaten de kast en heel de imkerszwerm stort zich uit over de goede stad Kampen.
Zwermen langs oude gebouwen, kerken, poorten. Gothisch,...Renaissance,Barok...Maar het gaat alles ordelijk en netjes in de rij. Toch een goed volk, dat imkersvolk. De anders rustige stad Kampen heeft er zich over verbaasd. -

De Voorzitter en Dr. Minderhoud ---- Ook onze voorzitter is in zijn nopjes
in een van de straten van Urk.
De lucht betrekt. Regenwolken dreigen. De immen verzamelen zich in drie drijvende kasten. Naar de toekomstige bijenweide in de nieuwe N.O. Polder-in-wording zal de tocht gaan. Een nieuw gebied valt er te verkennen............
Water, wind en wolken...............
Daar er nog geen nectar vloeit in de nieuwe polder-in-wording, zullen de immen vooraf flink gevoerd moeten worden om niet te verhongeren (als op de hei). Handige "verpleegstertjes" dragen dozen voorraad aan. En het gaat er best in: broodjes met koek, kaas; honingbroodjes, saucijzebroodjes; bananen, appels. Koffie toe.
Wat imkersmagen niet alles verdragen kunnen.
Maar ..."Man kann auch vom Guten zuviel bekommen".
Ook van de zee en de deinende boot. Dan hangt er een bieken tegen de
verschansing. ... Want de zee eist haar offers
Loodgrauw is het water. Wit kuiven de baren. Wild smakken de golven tegen de boeg.
- "Wat moeten die imkers in mijn gebied!"
Klets, om uw oren, om heel uw lijf, komen de slagen der woedende golven... Druipende imkers op de voorplecht
„Weg, uit mijn rijk, imkersvolk".
(Muziek: "Houdt er de moed maar in, enz.!") - De Imkers laten zich niet afschrikken... -
...............
Schokland glijdt voorbij. Urk doemt op aan de horizon... Het typische eiland in de stille Zuid(er)zee.
... Nieuwe havenstukken, kranen, baggermolens De rustende vloot
in de haven... Kleine huisjes tegen een helling gelegen...Urk! Een schok, de stoot tegen de wal.
Zo'n slag tegen hun kast kunnen de immen niet verdragen. Ze stormen naar de loopplank. Verdedigen ze hun kast? Neen hoor, laat de boel maar waaien.
Ze zwermen over het eiland Urk. Gaan nectar puren uit de theekopjes van 't hotel "Woudenberg", met een Urker kransje. Dwalen over het land van Urk, door de straten met hun leuke geveltjes, muziek voorop.

"Dáár zullen later onze bijtjes vliegen" zegt de Voorzitter van afd. Kampen.
En vertrokken wij, nagestaard door de saámgestroomde Urker-bevolking.
De burgemeester van Kampen (met slappe hoed) genoot van de tocht op
het kajuitdek. En de muziek ...die héérlijke muziek!
Honingbloemen zijn er niet veel. Toch weten enkele bijtjes nog te snoepen van de bloempjes, die er bloeien aan de havenkant.
Als de programma-vertrektijd al meer dan een half uur verstreken is, zien we een bedrijvige bij op de kade.
- "We vertrekken, we wachten niet langer. Die er niet is, gaat niet mee". "De touwen los, de stoomfluit giert.
"Dat gaat er op een varen".
Los van Urk. Dat binnen jaren geen eiland meer zijn zal. Waar het eigenaardige karakter langzaam zal gaan verdwijnen - de geveltjes, de klederdracht. Waar het lied van de zee zal versterven. Maar een nieuw geluid zal zich doen horen: "bijenmuziek". Pijlsnel snorrende bijen over wijde, wit-groene beemden. Dragende schatten daar vandaan, wat nu nog zeebodem is. Kan het haast mogelijk zijn? Wat een werk, wat een kracht zal er nog verzet moeten worden. Maar geduldig zullen de kranen happen, brok voor brok nieuw land. Uit het golfgeklots rijzen de dijkruggen omhoog, langzaam vooruit in de wijde zee. -
De muziek speelt het Urker volkslied: "Dat we toffe jongens zijn, dat willen we weten. Daarom komen wij...overal"... Een goed imkerslied, voorzitter.
We lopen de haven uit. Lompe kolossen van baggerschuiten ogen ons na. Dan... water, wind en regen. De wolken vallen samen met de zee. Geen bijenweer. Verkleumd klemmen ze zich vast tegen de wanden. Enkele menen zich te kunnen verwarmen diep in het binnenste der boten. Andere schuiven bij elkaar. Over het dek sproeien zilte regens... Kleumende Imkers ...
"De zomer zal voorbij zijn". Als de winter komt! (Muziek: „Wij zijn niet ba...n...g, wij zijn niet bang").
Urk verdwijnt in nevel. Schokland glijdt als een silhouet voorbij. De boten stomen achter elkaar aan, stampend en slingerend. Snel naar de veilige haven terug.
...............
We varen de IJssel op. Langs de oevers op het Kampereiland duiken hooibergen op - het beroemde Kamper hooi - massaal en hoog. Met boerenwoningen er bij en enkele stakerige bomen.
Meeuwen doen de boten uitgeleide. Zweven groot en breed, rustig in de lucht langs ons heen.
Als we Kampen naderen, komt een bijtje onze boot vergezellen. Gelijk op varen we de kade tegemoet.

Wat waagden bijna 700 Imkers zich zo ver uit de kust? Naar een land, waar geen honingbloemen bloeien? Zal daar over id. zoveel jaar meer voor onze bijen te halen zijn?
"Ons land is een land overvloeiende van melk, laten we hopen, dat het ook een land overvloeiende van melk en honing worden moge".
Nu was er een Imkersfeest; wensen wij, dat onze bijen ook vreugde drinken mogen in de N.O. polder.
Prosit, schoolmeester, een krachtig dropje uit een klein kelkje, dat is der bijen aard.
Weer in de Buiten-Societeit, is er het laatste moment gekomen van het Imkersfestijn, thee met gebak.
Dan volgen de laatste woorden van de "oude koning" en het Imkersvolk zwermt uit elkaar. Elk zoekt zijn eigen woning op. ...............
't Was een eigenaardige zwerm, en niet geschept volgens de regelen der
kunst. Er zaten te veel moeren in en dan valt zo'n zwerm altijd weer uit elkaar. Maar op onze Imkersdagen kunnen we de koninginnen niet missen, dat is zo gewoonte geworden. Nogmaals, leve de koningin!
De goede stad Kampen heeft het Imkersvolk uitstekend ontvangen. Onze welgemeende dank. Het was een goede dag en veel dracht.
LENTHE. IMKER VAN DEN IMMENHORST.