Waarnemingen
(Privé-station Soesterberg)
JUNI 1937.
Juni een echte zomermaand met veel mooi en warm weer. De neerslag wasaan de lage kant, wat voor de heide nu niet direct gewenst is. De heidestaat er heel aardig voor, na de overvloedige natte winter en voorjaar.Voor een mooie ontwikkeling van de heide verlangen we echter af en toeflink wat regen. De ontwikkeling der volken kon men niet beter wensen, weinig zwermen van de Krainers, doch sterke volken. Voor de bijen was de disin deze maand echter schaars gedekt en gaf iedere decade hier in Soesterbergeen afname te constateren. De afname in de eerste decade bedroeg 200 gr.,2e 600 gr. en de laatste decade 1500 gr., totaal dus een afname van 2.300 k.g.
De hoogste dagtemperatuur bedroeg 31 °C. op 10 Juni, de laagste dagtemperatuur 16 °C. op 2 Juni; de hoogste nachttemperatuur bedroeg 19 1/2 °C. in de nacht van 10 op 11 Juni, de laagste met 2 °C, in de nacht van 2 op 3 Juni. Bewolking: zon 13, bewolkt 17 dagen, totaal 30 dagen, waarvan 17 met neerslag, waarvan weder 1 met onweer en hemellicht en 2 met alleen onweer. De totale regenval bedroeg 49 m.m., tegen 65.6 m.m. normaal. De neerslag was in Juni dus zeer gering. De vochtigheid der lucht varieerde van 38 tot 77%, de barometerstand van 758 tot 766 mm. Bloeikalender: Acacia 1 Juni, witte klaver 10 Juni, dopheide 10 Juni.
Het gewichtsverloop van de zelf-registrerende bijenweegschaal in Bunnik was enigszins anders. De 1e decade gaf een toename van 1.6 k.g., de 2e decade een afname van 1.3 k.g. en de 3e decade een toename van 1.2 k.g. Totaal een toename van 1.7 k.g.
JULI 1937.
Ook Juli is, ten opzichte van de neerslag, een betrekkelijk droge maand geweest. Niettegenstaande dat ontwikkelde de heide zich prachtig. Als tijdens de bloei het weer onze immen nu maar gunstig gezind is, dan zorgen zij wel voor de rest. Juli is ook een echte zomermaand geweest, met warme dagen hoewel, over het geheel genomen, deze maand toch wat koeler was dan Juni.
Ook hier was een overvloed van bladhoning op de linde, doch geen enkele bij was er op te zien en ook niet, zoals zo dikwijls beweerd wordt, een bladluis. Heel goed heb ik de linde afgezocht, waarvan de bladen zwart van de bladhoning waren, doch geen luis te bekennen. Het lijkt ook met de bladhoning, dat men elkaar napraat en naschrijft. Wetenschappelijk is toch al vastgesteld dat de bladhoning niet van de luizen afkomstig is, doch tevoorschijn geroepen wordt door de sterke afwisseling van de nacht- en dagtemperatuur. In de vorige jaargang van de Leipziger Bienenzeitung was een heel artikel aan het ontstaan van de bladhoning gewijd, welke vrij wat aannemelijker is dan de bladluizentheorie. De 1e decade van Juli gaf een toename van 300 gr., de 2e een toename van 1100 gr. en de laatste decade een afname van 900 gr., totaal een toename van 400 gram. De zomeroogst kan dan ook hier te lande als vrijwel mislukt beschouwd worden. Een schrale troost is, dat vrijwel overal de oogst mislukt is. Volgens berichten uit het buitenland, is dat ook het geval in Duitsland, Oostenrijk en in Krain (Jugo-Slavië). De mislukte oogst ligt dus niet hoofdzakelijk aan onze bijen, doch aan de weersgesteldheid. Temperatuur: hoogste dagtemperatuur 31 °C. op 15 Juli, laagste dagtemperatuur 16 1/2 ° C. op 11 Juli; de nachttemperaturen resp. 17 °C. op 4 en 15 Juli en 7 °C. op 29 Juli. Bewolking: zon 7 dagen, bewolkt 24 dagen, totaal 31 dagen, waarvan 15 met regen, waarvan weder 1 met onweer en totaal 51 m.m. neerslag tegen 84.4 m.m. normaal. Ook Juli dus weer aan de droge kant. De vochtigheid der lucht varieerde van 33 tot 75%. Barometerstand van 754 tot 767 m.m. Bloeikalender: wilde braam 2 Juli, wilgenroosje 7 Juli, heide 18 Juli en solidago 31 Juli.
In Bunnik was het verloop van de zelf-registrerende weegschaal vrijwel gelijk als het weegvolk in Soesterberg. De 1e decade gaf een toename van 250 gr., de 2e decade een afname van 850 gr. en de 3de decade ook een afname van 100 gr., totaal een afname van 700 gram.