Bijenteelt buiten de grenzen.


VIII.
Irnationale Bijenteelttentoonstelling 1938 te Namen.
Een object van velerlei experimenten is in België het voerapparaat en geen wonder: de Belgische (en ook de Nederlandse) kastsystemen zijn, wat het voeren betreft, niet gemakkelijk. Menig iemker zou, ook bij ons, niet tot het alleruiterste wachten met voeren, als hij een goed voerapparaat bezat dat aan de eisen van zijn kast was aangepast. Dikwijls echter wordt een kastvolk gevoerd op dezelfde wijze als vroeger de ronde korf: een houten of blikken bakje met houtwol of iets dergelijks wordt binnen het bereik der bijen gebracht en elke avond volgegoten. Dit is voor den iemker een telkens terugkerende ergernis, daar hij steeds de bijen "voorhanden" heeft en bovendien vindt menig bijtje de dood in deze bakjes, daar zij bij het ingieten der suikerstroop niet spoedig genoeg naar boven kunnen komen en dus verdrinken.
Wat mij betreft ik heb me het beste bevonden bij het voerbakje van Dr. Leuenberger. Dit is echter voor de Simplex niet zonder meer bruikbaar. De eisen, die men aan een goed voerapparaat moet stellen zijn: 1e. het moet gemakkelijk kunnen worden aangebracht. 2e. Men moet het kunnen vullen zonder met de bijen in aanraking te komen. 3e. Het moet uitgesloten zijn dat de bijen verdrinken.

Op de tentoonstelling te Namen waren verschillende navolgingen van Engelse voerapparaten, waarvan één, dat niet in metaal, doch in geglazuurde steen was uitgevoerd, wel het meest de aandacht trok. Er waren navolgingen van het voertoestel van broeder Adam van Buckfast Abbey, in metaal en in hout, terwijl ook het bekende "voerbakje van Joustra" in verschillende variaties vertegenwoordigd was. Achterna bleek me, dat het Bijenboek van Joustra ook in België veel gelezen wordt ; het was ook aanwezig bij de overigens schaarse literatuur op de tentoonstelling, oa. met Leuenberger, Root, Doolittle e.a.
De meeste voertoestellen waren ingericht voor twee tot tien en meer liters. Een der inzenders had radicaal zijn kast aan één zijde dubbelwandig gemaakt en tussen beide wanden een Duitse voerlade ingebouwd.
Voldeden de meeste inzendingen aan de hierboven onder 2 en 3 genoemde eisen, wat de onder 1 genoemde eis betreft moet opgemerkt worden, dat bijna elk apparaat gebouwd is voor een bepaald kastsysteem. Een universeel bruikbaar voerapparaat behoort vooralsnog tot de onmogelijkheden.

De grootste attractie voor den ondeskundigen bezoeker der tentoonstelling en de grootste ergernis voor lederen imker die zijn bijen een warm hart toedraagt, ontbrak natuurlijk ook in Namen niet. Er waren levende bijen aanwezig in miniatuur kastjes en op miniatuur raampjes, in observatiekasten, er waren volken, die gehuisvest waren onder glazen stolpen. Er waren levende bijen aanwezig van verschillende rassen: inheemse zwarte, Italiaanse en Kraïners. Op mijn tochten door het land heb ik verder nog aangetroffen Franco-Amerikanen, Amerikaanse goudbijen en Marokkaanse bijen. En natuurlijk allerlei kruisingen.
Hoewel sommige vooraanstaande Belgische iemkers zich wel bewust zijn van de gevaren, verbonden aan de invoer van vreemde rassen, gaan ook in België veel iemkers onverdroten voort met de import van vreemde bijen en koninginnen. Reeds eerder, en niet alleen in het Groentje, heb ik gewezen op de ernstige gevolgen die zulks kan meebrengen. Ik zal volstaan, met te zeggen, dat de meeste bijenziekten in België voorkomen. Ook Europees vuilbroed. Ook Amerikaans vuilbroed. En dat sedert 20 Juli van het vorige jaar verschillende bijenziekten (Amerikaans vuilbroed, Europees vuilbroed, mijtziekte en nosema) vallen onder de bepalingen van de wet op veeziekten, terwijl overtreders met den strafrechter in aanraking komen. Het Koninklijk Besluit van 20 Juli 1937 bevat verschillende zeer strenge bepalingen. In vele gevallen moeten besmette kolonies worden vernietigd en dikwijls ook de bijenwoningen, terwijl verkoop en vervoer van bijen in de besmette zônes natuurlijk uitgesloten zijn, en het leenen of in bruikleen geven van materiaal dat in de besmette zone gebruikt is, eveneens verboden is. Tot het doen van aangifte van bijenziekten, zelfs in twijfelgevallen, is de iemker verplicht. Van maatregelen tegen de invoer van vreemde bijen is mij niets gebleken.
Waarschuwende woorden aan de Nederlandse iemkers zal ik achterwege laten. Maar België is, om zo te zeggen, naast de deur!

Tussen bijenrassen en de kwaliteit van raathoning bestaat een onlosmakelijk verband. Gele bijen verzegelen "kleverig", zwarte bijen verzegelen hagelwit. Op de tentoonstelling was op 5 September niet één enkele enigszins behoorlijke sectie of één enigszins dragelijk raam raathoning aanwezig. In totaal heb ik zes of zeven secties aangetroffen, waarvan de beste ten onzent onverkoopbaar zou zijn. Ook de aanwezige raten zomerhoning, zelfs inzendingen van erkende deskundigen, droegen zonder uitzondering de sporen van de sterke inslag van vreemde rassen.

Slingerhoning was in alle soorten en schakeringen aanwezig. Zelfs enkele flacons accasiahoning ontbraken niet De verpakking was over 't algemeen goed. Iets nieuws (tenminste voor mij) was honing, verpakt in tuben, net als tandpasta.

De Belgen kennen een etiket voor honig, dat alleen voor Belgische honig mag worden gebruikt. Het Vlaamse deel van België heeft een verenigingswaarborgstrook. Uit verschillende gesprekken is me gebleken, dat men ons ons Rijksmerk voor honing benijdt; laten wij het in ere houden!

Wat de inzendingen van levende bijen betreft, moet mij de opmerking van het hart, dat slechts één inzender, en wel een buitenlander, die over veel tentoonstellingservaring beschikt, zijn bijen door middel van natte sponsjes op een gaasraam van water voorzag. Ik heb geconstateerd, dat het water door de bijen gretig opgenomen werd. Twee der vele observatiekasten hadden van hun eigenaar geen voldoende honingvoorraad meegekregen. Een verzoek van mijn kant was nodig om ze van de hongerdood te redden Het ware wenselijk dat in alle tentoonstellingsreglementen strenge bepalingen omtrent voer en watervoorziening werden opgenomen.
Levende bijen op een tentoonstelling, die niet behoorlijk kunnen uitvliegen, bieden overigens voor den iemker een droevige aanblik.

Bijzondere vermelding biedt nog een inzending diapositieven van lantaarnplaatjes op het gebied der bijenteelt.
Voor de zeer uitvoerige en interessante inzending betreffende het aantal cellen per vierkante decimeter kunstraat en wat daarmee samenhangt, (maten koninginnerooster, onderlinge afstand der ramen, aantal en oppervlakte der ramen, tonglengte der bijen, rode klaver enz.) waag ik niet in te gaan na alles wat er in het Groentje over dit onderwerp reeds is geschreven. Het levenswerk van Baudoux, de studie van Convent, Mees en De Meyer en anderen ware echter overtuigender gedemonstreerd indien wij in levenden lijve de grotere bijen, de langere tongen enz. hadden kunnen zien. Hoewel men in België meer warm loopt voor het vraagstuk der grootcellige kunstraat dan in ons land, zijn ook daar de meningen nog verdeeld. En.... de tijd zal 't leren.
De reclame voor honing op de tentoonstelling was goed verzorgd. Een receptenboekje, aardig geillustreerd, wordt door de iemkers onder het publiek gebracht en het streven is het publiek in te lichten omtrent de waarde en de eigenschappen van goede honing. Evenals zijn Nederlandse collega, heeft de Belgische iemker te strijden tegen de moordende concurrentie der buitenlandse honing en blijkbaar ook nog tegen de z.g. kunsthoning.
Hoewel wij voor de doordachte en overzichtelijke opstelling van het tentoongestelde alle lof hebben en de commissie van harte gelukwensen met het verdiende succes, menen wij het systeem, om aan elke inzending een eerste prijs toe te kennen te moeten afkeuren. Wel werden aan die eerste prijs in sommige gevallen bijzondere onderscheidingen verbonden, doch een eerste prijs wordt door velen opgevat als een brevet van deugdelijkheid en bruikbaarheid van het betrokken artikel, tenminste in ons land.

Moge ik tenslotte een woord van dank brengen aan Mr. A. Gérard van "La Vie Rurale", die zo vriendelijk was mij rond te leiden en mij te introduceren en verder aan de iemkers die mij bereidwillig inwijdden in de finesses van hun bedrijf en van de Belgische bijenteelt.
HUIZUM.
RINK GROENVELD.