Vragenrubriek.


Vragen bestemd voor deze rubriek richte men tot den Heer A. Oonk te Warnsveld. Beantwoording kosteloos. Wenst men schriftelijk antwoord, dansluite men een postzegel in. Alleen vragen, die ook voor anderen van nutkunnen zijn, worden beantwoord.


Vraag 472: Ik had een partijtje oude en nieuwe raatwas liggen, welke ik gaarne wilde smelten. Ik deed de raten in een emmer, die ik in een grote wasketel met kokend water plaatste en daarop een deksel aanbracht. Ik heb de raten wel 3 à 4 uur op een vierpits petroleumtoestel laten koken, doch ik kwam nooit verder, of het bleef één dikke massa. Ik deed deze toen uit de emmer in gesloten busjes, toen weer aan het koken, maar het bleef hetzelfde één dikke brei. Hoe moet ik nu met deze bussen verder handelen om er zuiver was uit te krijgen?
C. K. te W. A. (N.-H.)
Antwoord: Als men de raten smelt, krijgt men na enige tijd een dikke breiachtige massa, doch dan heeft men er het was nog niet uit Deze massa bestaat n.l. uit was en raatafval en om nu het was van de raatafval te scheiden, moet die massa geperst worden, dan loopt het was eruit en de afval blijft achter. Om dit uit te kunnen voeren, moet men in het bezit van een waspers zijn. In het grootbedrijf gebruikt men hiervoor houten persen. Men doet de raten in een perszak. Deze kookt men in een pot tot de inhoud van de zak breiachtig is geworden. Dan legt men de zak in de waspers en perst de zak uit. In Uw geval, in het kleinbedrijf, gebruikt men een kleine pers, b.v. de "Esef" van Frankenhuis. Deze wordt in de advertenties van het "Groentje" verschillende malen aangeboden en moet er het was goed uit krijgen. Het was is dan nog vuil en moet nog enkele malen worden opgesmolten, waarna U het vuil van onderen aan de waskoek verwijdert. Ten laatste krijgt men een mooi stuk gele was. Er zijn nog wel andere persen in de handel, doch die zijn duurder dan de "Esef". In Joustra's Bijenboek worden verschillende soorten waspersen beschreven. wilt u hierover dus meer weten, dan moet U dit boek ter hand nemen. In Uw geval moet U de bussen ledigen en de dikke massa in een waspers opnieuw aan de kook brengen, waarna het was eruit verwijderd kan worden.

Vraag 473: Hebt U evenals de afd. Apeldoorn ook al ervaring opgedaan met het zwermtrage Amerikaanse bijenras en welke mogelijkheden zitten hierin?
G. B. te B. (Dr.)
Antwoord: Er is over het zwermtrage Amerikaanse bijenras al veel geschreven, doch of het resultaat in onze streken wel zó groot is, moet nog verder onderzocht worden. Ik heb ook al eens een proef genomen voor enige jaren met een prachtig zuivere goudgele Amerikaanse koningin, die ik van de firma Buitenhof te Eerbeek betrok. Zij was buitengewoon vruchtbaar. De uitbreiding van het broednest was enorm, hetgeen natuurlijk ging ten koste van de honingvoorraad. De bijen waren zeer zachtaardig, doch ik vond ze erg lui. Bij warm weer en goed gewin lag de bodemplank vol met bijen, die niets uitvoerden, hoewel er voldoende ruimte in de kast was. Zij zwermden niet spoedig, als men ruimte gaf, doch het gewin viel over het algemeen toch niet mede. Ook vond ik de raathoning niet zó mooi van kleur, als die de inlandse bij produceert. De deksels van de raathoning der Amerikaanse waren vuilachtig wit en iets ingevallen; ook was de smaak van de honing niet zo lekker. De raathoning van de inlandse bij daarentegen was hagelwit en de deksels stonden boller, terwijl ik de honing veel geuriger vond. Toen ik met het volk naar de hei ging, zat het op tien ramen broed. Honingvoorraad was er bijna niet, zodat ik eerst wat honing in moest hangen met het oog op verhongeren op de hei. Daarentegen had onze zwarte bij een mooi, niet zó uitgebreid broednest met voldoende voorraad. Op de hei viel het resultaat van de Amerikaanse, die de sterkste was, lang niet mede. In verhouding hadden het onze zwartjes veel beter gedaan. Ik geef dan ook de voorkeur nog aan onze inlandse bij, omdat die zich aan ons klimaat heeft aangepast en als men steeds van zijn beste volken voortfokt, kan men hier ook goede resultaten mede bereiken. Hoofdzaak is als de honingbronnen maar willen vloeien; men de volken in goede conditie, dus sterk heeft, op het geschikte ogenblik en er voldoende ruimte is. Daar komt alles hoofdzakelijk op aan. Dhr. Henri Meijer te Arnhem zegt, dat het Cypro-Italiaanse ras het beste is en de zuivere goudgele minder geschikt. Ik heb toen ook een Cypro-Italiaanse koningin van dhr. Meijer gekocht, doch wegens gezondheidsredenen heb ik er geen voldoende proefnemingen mede kunnen doen. Alleen een langdurig en nauwkeurig onderzoek zal op de duur dus antwoord kunnen geven, welk ras voor ons land het meest lonend en geschikt is: het inlandse, het Amerikaanse, of het gekruiste.

Vraag 474: Wat kan de oorzaak zijn, dat er dagelijks onder één van mijn drie korven een aantal dode bijen ligt? Ze zijn met dezelfde suiker gevoerd en hebben voldoende voorraad.
L. M. V. te H. (L.)
Antwoord: De mogelijkheid bestaat, dat in die bewuste korf te veel oude bijen voorkomen, die nu afgeleefd zijn en sterven en kan daardoor het grote aantal dode bijen verklaard worden. Vermoedt U echter, dat U met een ziekte te doen hebt, dan raad ik U dringend aan wat van die dode bijen in een doosje te doen, hierbij een briefje te voegen en deze beide in een enveloppe per brief op te zenden aan dhr. dr. A. J. Winkel, bacterioloog, rijksseruminrichting te Rotterdam. Dit onderzoek is gratis en U ontvangt dan bericht, of U werkelijk met een ziekte te doen hebt en welke ziekte het is.

Vraag 475: Ik heb verscheidene kasten met bijen en een tuin met veel vruchtbomen. Deze bomen behandel ik met Derrispoeder, als de tijd daar is. Nu is mijn vraag kan dit geer. kwaad voor mijn bijenstand?
H. D. te Y. (N.-H.)
Antwoord: Derrispoeder is een vergif, dat schadelijk kan zijn voor de bijen. Als ge Uw vruchtbomen hiermede wenst te behandelen, zou ik U aanraden dit dan minstens drie weken vóór de bloei te doen, of na de bloei, als dit mogelijk is. Komen de bomen in bloei, dan zal het vergif wel uitgewerkt zijn, als U drie weken van tevoren bespoten hebt.

Vraag 476: Ik kreeg klachten van mijn buurman, dat zijn goed, dat hij buiten bleekte vol met bruine vlekjes zat, nadat mijn bijen een reinigingsvlucht hadden gehouden. Mijn vraag is nu hoe lang duurt zulk een reinigingsvlucht en zou Ik de kasten afsluiten, als er eens per week wordt gebleekt?
L. P. te O. (Z.-H.)
Antwoord: Een reinigingsvlucht houden de bijen na een tamelijk lange winterzit, meestal in Januari, Februari of Maart. Dan is het niet gewenst om het wasgoed buiten te hebben omdat er dan veel bruine vlekken op kunnen komen, als de bijen de endeldarm ledigen en deze uitwerpselen juist op de was terechtkomen. Vooral op wit goed zijn die vlekken duidelijk zichtbaar. Daarom haalt men de was op zo'n dag tijdelijk binnen, als de bijen een reinigingsvlucht zullen gaan houden, die meestal ca. een uur duurt. Kunnen de bijen weer geregeld uitvliegen, dan heeft men van die vlekken weinig hinder meer. Zulk een reinigingsvlucht komt na een lange zit één of enkele malen in het voorjaar voor; zij is niet van lange duur en daarom heeft men er verder in het voorjaar geen last meer van. U behoeft de kasten dus niet af te sluiten. Als er na een lange zit dus een uitvlucht komt, dan Uw buurman even verzoeken om de was binnen te halen, totdat het vliegen der bijen heeft opgehouden.

A. OONK.