December.



C. de Jong

December is de laatste maand van 't jaar, de maand van winterzonnewende, van sneeuw en ijs. De dagen zijn kort. De natuur is doods en stil, alsof hij nooit meer ontwaken zou. Bij de bijenhal is 't evenzoo, de immen zitten in wintertros en voeden zich met 't vervangmiddel van honing, n.l. suiker, die de imker hen tijdig heeft toegediend. Ja, we weten het: het is den mensch toegestaan dieren of producten hiervan ten zijnen nutte te maken en hierbij zijn onze bijtjes dus ook inbegrepen. Het zou ons anders niet erg fair staan, de bijen van hun kostbaar voedsel (honing) te berooven en er hun het minderwaardige product pepersuiker voor in de plaats te geven. Trouwens we weten wel, dat we door deze kleine misdaad ook een zekere weldaad aan de bijen bewijzen en dit is een zekere geruststelling. Immers, alle bloemhoning is niet goed om te overwinteren, in 't bizonder heidehoning niet.
Toch kan dit ook weer niet altijd door den beugel, want heidehoning en heidehoning kan verschillen in gehalte en samenstelling. De honing welke de meest verteerbare resten bevat is 't beste, die de meest onverteerbare bevat de slechtste om te overwinteren. Hij veroorzaakt "roer" en wat dit zeggen wil, daar weten de meeste imkers van mee te praten.

Een imker op de heide met twaalf korfvolken overwinterde reeds diverse jaren op heidehoning en 't ging goed, hij haalde de schouders op bij 't woord "roer", Totdat op zekeren keer hem 8 volken wegvielen, terwijl er van de 4 resteerende niet veel meer overbleef. Hij was door schade en schande wijs geworden. De suiker brengt dus in zekere gevallen uitkomst en, .. , redding.

Jammer genoeg, dat er zoo met de suiker geknoeid wordt, ter denatureering. Ik vernam dat men destijds plaatselijk in Duitschland aan de imkers zuivere dus ongedenatureerde suiker verstrekte aan ± 20 ct, per kg., doch men kreeg dan ook voor den honing een hoogeren prijs dan bij ons. Zou hier niet over te praten zijn? Zonder suiker zou de imkerij reeds grootendeels hebben afgedaan en de kastimkerij niet mogelijk zijn. Suiker bevat voedende bestanddeelen die echter voor honing verreweg het loodje moeten leggen. Met suiker kunnen de bijen raat uitbouwen, 't werk is dan wit, met honing meer geel. In 't voorjaar kan men jonge bijen fokken van suiker met stuifmeel, dat eiwit en vet bevat. Stamphoning is eigenlijk je ware, doch jammer genoeg niet altijd verkrijgbaar. In Amerika zou men honing voeren ter overwintering, omdat daar ter plaatse de honing veel goedkooper is dan suiker. Bijen zouden volgens deskundigen van honing langer leven, terwijl ze van suiker ondervoed raken. Zeker is, dat de bij van nature een honing- en geen suiker-, nog minder een peper- of methylvioletsuiker-insect is.

Hoe meer van het natuurlijke afgedwaald, hoe erger zich dit op den duur zal wreken. Toen de wetenschap zich nog niet zoover had baangebroken, dat men suiker voerde, moesten onze voorvaderen, die alleen met korven imkerden, hun bijen op de gewonnen honing overwinteren. De zware volken werden geslacht (afgezwaveld), de magere opzetters gaf men meestal nog de uitgeperste raten. Het was een onteerend ruw bedrijf. Bij de voorjaarsinspectie brak men volgens oude almanakken stukken raathoning uit de zwaarste volken en gaf die aan de lichtere volken en ondanks dit alles boerde men goed, omdat de omstandigheden toen beter waren dan nu (warme zomers en een goede bijenweide). In onzen tegenwoordigen tijd met slechte bijenjaren zou zulks niet meer mogelijk zijn.

Eéne zaak is zeker, dat we ons over de voedselvoorziening der bijen geen hoofdzorg behoeven te maken, zoolang er nog tijdig en voldoende suiker verstrekt wordt en dat onze bijtjes, al is het ook een gure Decembermaand, zich even behaaglijk in hun winterzit met erzatzbloemennectar zullen gevoelen, als wij bij den haard.