Vereeniging tot Bevordering der Bijenteelt in Nederland
Secretariaat Jan v.d. Heijdenstraat 35 - Amersfoort - Telefoon 6734
Registratie-no. 323317
Verantwoordelijk voor den inhoud: Joh. A. Joustra.
MEDEDEELINGEN. Februari 1944.
Suikerlevering voorjaar 1944.
Zooals wij reeds in het Januari-nummer hebben bekend gemaakt, wordt de suikerdistributie geregeld door het bedrijfschap voor Pluimvee en Eieren te de Bilt (Utr.). Dit Bedrijfschap heeft door onze tusschenkomst de Decemberlijsten van bijenhouders ingezameld en verstrekt aan de Afdeelingen toewijzingen voor suiker volgens op deze lijsten vermelde gegevens. Er wordt per bijenvolk 6 kg. suiker verstrekt. Het Bedrijfschap heeft bepaald, dat de Afdeelingen van onze Vereeniging, welke hun zetel hebben in de Provincies Zeeland, Noord-Brabant, Limburg, het Rijk van Nijmegen en het Land van Maas en Waal zullen worden bediend door de Electrische Honingzemerij te Boxtel en de andere Afdeelingen door het Bijenhuis te Wageningen. Klachten over de distributie gelieve men dus te richten tot de betrokken distributiebeambten waar men ook zijn bestellingen moet doen en ook betalingen der suiker dienen te geschieden.
Klachten over vermeende te geringe toewijzing, zooals die reeds naar Amersfoort zijn gezonden richte men tot voornoemd Bedrijfschap.
Er zijn verschillende vragen binnengekomen omtrent de regeling voor nieuwe leden. De instructie aan onze Afd. Handel (wellicht ook aan de zemerij te Boxtel) blijft het antwoord op deze vraag schuldig. Wij raden in zulke gevallen aan, inlichtingen te vragen aan het Bedrijfschap.
Hetzelfde geldt voor Afdeelingen welke inmiddels zijn samengesmolten of welke leden van andere Afdeelingen na het inzenden van de Decemberlijsten hebben overgenomen. De suikerprijs is door voornoemd Bedrijfschap voorloopig vastgesteld op 24 ct. per kg. waar dan nog 3% ct. staangeld voor de zak bijkomt. De zakken zijn en blijven het eigendom van de distribuanten en moeten uiterlijk binnen
1 maand na afzending van de suiker aan hen worden teruggezonden. Het Bedrijfschap deelt onze Afd. Handel mede, dat indien aan deze voorwaarde niet voldaan wordt, de betrokken Afdeeling een volgende maal niet meer in aanmerking komt voor suiker.
Het Bedrijfschap heeft voorts bepaald, dat geen suiker mag worden afgeleverd voordat het quotum 1944 aan het algemeen Secretariaat is betaald. Wij geven derhalve geen Afdeelingen aan de suikerdistribuanten door, voordat administratief en financieel alles wat het lidmaatschap betreft in orde is.
Afdeelingen welke bij ontvangst van deze Mededeelingen nog geen suikerbescheiden van Wageningen, resp. Boxtel hebben ontvangen en wel aan hun bovengenoemde verplichtingen hebben voldaan, gelieven zich omgaand tot het Al-gemeen Secretariaat te wenden, dat onverwijld stappen zal ondernemen, dat de stukken in hun bezit komen.
Verdere mededeelingen zullen de Afdeelingen bereiken via de distribuanten waartoe zij behooren.
Aan onze Afd. Handel (wellicht ook aan Boxtel) werd onderstaand schriftuur door het Bedrijfschap voor Pluimvee en Eieren gezonden.
(N.B. De lijst bedoeld in art. 3 is niet opgenomen.)
BEDRIJFSCHAP VOOR PLUIMVEE EN EIEREN
DE BILT, 28 Januari 1944.
Afd.: Algemeene Zaken.
No.: OD. / 1966.
Betr.: Suiker voor bijenhouders.
Aan de Afdeeling Handel van de Vereeniging tot Bevordering der Bijenteelt in Nederland
Grindweg 57 WAGENINGEN.
Hiermede berichten wij U dat U door ons is belast om namens en onder leiding van ons Bedrijfschap zorg te dragen voor de distributie van gedenatureerde suiker - voorjaarslevering 1944 aan de bijenhouders (leden van de Vereeniging tot Bevordering der Bijenteelt in Nederland) in Nederland, met uitzondering van Zeeland, Noord-Brabant, Limburg, het Land van Maas en Waal en het Rijk van Nijmegen.
Bij deze distributie dienen de volgende voorschriften in acht te worden genomen:
1. de aanwijzingen van de Afd. Accijnzen van het Departement van Financiën en de aanwijzingen en richtlijnen van ons Bureau dienen nauwkeurig te worden opgevolgd;
2. U dient zorg te dragen voor een snelle levering der benoodigde suiker aan de bijenhouders;
3. levering mag uitsluitend geschieden ten behoeve van die afdeelingen van de Vereeniging tot Bevordering der Bijenteelt, welke op bijgaande lijst zijn vermeld en tot een maximum van de achter elke afdeeling aangegeven hoeveelheid. Deze hoeveelheden zijn gebaseerd op de opgaven van in December 1943 bij de leden der afdeelingen aanwezige bijenvolken welke opgaven ons hebben bereikt via den Secretaris der genoemde Vereeniging;
4. beschikbaar gesteld wordt ten hoogste 6 kg. suiker per volk met dien verstande, dat aan een afdeeling in totaal niet meer mag worden geleverd dan de hoeveelheid aangegeven op de onder 3 bedoelde lijst;
5. de administratie der suikerdistributie dient te worden gevoerd overeenkomstig de aanwijzingen van ons Bedrijfschap en dient te allen tijde ter inzage te worden verstrekt aan onze daartoe bevoegde ambtenaren;
6. een toewijzing tot het verstrekken van 400.000 kg. suiker is U eenige dagen geleden toegezonden, terwijl wij aan het Departement van Financiën hebben verzocht de vereischte ontheffingsbeschikking van accijnzen enz. voor 600.000 kg. te Uwen name te stellen;
7. de hoeveelheid van 600.000 kg. is afgerond naar boven, zoodat de mogelijkheid bestaat eventueele onjuistheden in de opgaven van de afdeelingen bedoeld onder 3, zooveel mogelijk te herstellen. Dit kan echter uitsluitend in overleg niet ons Bureau geschieden;
8. de verantwoordelijkheid voor deze voorjaarslevering van suiker berust bij Uw instelling, met andere woorden Uw instelling is ten aanzien van deze distributie verantwoording verschuldigd aan ons Bedrijfschap;
9. suiker mag alleen worden verstrekt aan leden van de Vereeniging voornoemd, die aan hun verplichting tot contributie-betaling 1944 hebben voldaan. De bijenhouders zijn verplicht bij de in ontvangstname der suiker aan te toonen dat zij hun contributie hebben betaald;
10. de financiering van de suikerdistributie geschiedt geheel door Uw instelling;
11. nadere aanwijzingen zullen U zoo noodig worden verstrekt;
l2. Mochten zich moeilijkheden voordoen, dan dienen deze in overleg met ons Bedrijfschap tot oplossing te worden gebracht.
BEDRIJFSCHAP VOOR PLUIMVEE EN EIEREN.
Ro/No.
Bijlage: 1 lijst.
Aanvragen vergaderingen.
In vervolg op onze mededeeling in het Januari-nummer berichten wij, dat een vergadering moet worden aangevraagd bij den Gewestelijken Politiepresident onder opgave van Maats van vergadering, aanvangsuur en datum en agenda. Men gelieve niet op het laatste nippertje aan te vragen.
Kunstraat.
Wij deelen belanghebbenden mede, dat wij aan het Rijksbureau voor Chemische Producten hebben gevraagd om de beschikbare kunstraat te willen verdeelen over het aantal kastvolken in ons land aanwezig en voorzoover ons daartoe door de Afdeelingen opgaven zijn verstrekt. Zoodra wij hieromtrent iets naders vernemen zullen wij dit aan de Afdeelingen op de gebruikelijke wijze bekend maken.
Examen leerkrachten in Bijenteelt:
Van 25 tot 30 Januari werd te Wageningen het examen bijenteelt voor onderwijzers afgenomen, die deel hadden genomen aan de cursussen te Kesteren en Boxtel.
De examencommissie bestond uit de heeren Ir. A.W. v.d. Plassche, voorzitter, Dr. Ir. A. Minderhoud, plv. voorzitter, Ir. J.F.A.M. Mommers, secretaris, Joh. A. Joustra, lid en A.S. Planting, lid.
Geslaagd zijn de heeren: A. A. van der Aa, Mierlo; J. van Bemmel, Veenendaal; J. van Cruijningen, Nijmegen; J.G. Dieperink, Echteld; H. van Gool, Nijmegen; S.A. van Harssel, Leur ; A.H. Helmer, Diessen; M.A. van Helvert, Zeeland N.-B.; A.J. Hietkamp, Gent; W.A.G.
Hobbelen, Oirschot; P.J.C.M. van den Hont, Alphen N.-B.; J.J.M. van Ierssel, Dongen; Th.H. Janssen, Ooy Ubbergen; H.Th. Kemperman, Nijmegen; L.Ph. Lacor, Halsteren; P.L. Lammers, Alphen (G.); F. Meijs, Oirschot; A. Mol, Almkerk; A. Noorlander, Barneveld;
H.J. van den Oord, Uden; J.H. Overkamp, Rekken; A.J. Peters, Berlicum N.-B.; P.F. Sallaerts, Heesch bij Oss; G.H. Schraven, Geldrop; C. Smit, Bennekom; F. Wallet, Barneveld; J.G. v.d. Westeringh, Worth-Rheden; P.F. de Wit, Geldrop; P.A. van Zorge, Echteld.
Afgewezen werden 5 candidaten.
Wij wenschen deze heeren geluk met het behaalde resultaat en hopen, dat zij hun op de cursus verkregen kennis door het houden van cursussen, het geven van practische lessen en het houden van lezingen productief zullen maken, opdat ook de imkers van hun verworven kennis de vruchten kunnen plukken.
Moerasandijvie.
Naar aanleiding van het berichtje in het Mededeelingenblad van Januari 1944 hebben enkele imkers ons gevraagd wat feitelijk moerasandijvie is.
Volgens de geïllustreerde flora van Nederland van Heimans, Heinsius en Thijsse (uitg. W. Versluis te Amsterdam) behoort de moerasandijvie tot de familie der composieten en wel tot het geslacht Kruiskruid (Senecio). De omwindselbladeren in één rij, geen dubbel omwindsel: daardoor zijn de bloemhoofdjes tamelijk los; ook geen of bijna geen bruine puntjes aan den top van de omwindselblaadjes. Groote, harige planten, slordig en los van bouw, met dikke stengels en slappe trossen van veel groote bloemhoofdjes. In enkele moerassen en op aangeplempt of ingedijkt land veel, overigens niet te vinden. Bloeitijd Juni--Augustus; hoogte 5-6 dm. De bloem is geel.
Omtrent de honingoogst daarop is ons niets bekend. We weten echter, dat op de composieten soms veel honing wordt gewonnen (korenblauw, distel, paardenbloem, guldenroede).
Koolzaad.
Het koolzaad is beter bekend en men weet, dat op dit gewas vaak zeer veel honing kan worden gewonnen. Het koolzaad op zandgrond heeft t.d.o. echter niet zoo'n goede naam als dat op de kleigronden. Wie dus in de gelegenheid is naar de kleigronden te gaan, verzuime dit niet.
Koolzaad staat echter op vlakke terreinen en waar het vroeg in het voorjaar bloeit en dus de temperatuur gewoonlijk nogal laag is, is het noodzakelijk, dat men zijn bijenvolken vlak bij of beter tusschen het koolzaad in zet. „De bijen moeten de bloem in hun bek hebben" is een oud imkers-gezegde. Wij hoorden voorbeelden, dat bijenvolken welke in het koolzaad waren geplaatst met volle honingkamers terugkeerden, terwijl volken, welke op een paar meter afstand waren opgesteld slechts met enkele kg. thuiskwamen. Het is maar een weet. Denk er echter aan alle vroeggewonnen honing spoedig te slingeren, want hij kristalliseert spoedig in de cellen en is dan niet meer te slingeren. Bovendien deugt hij dan niet meer als raathoning, dus zal de honingpers er bij moeten komen. Tal van imkers slingeren vaak op het koolzaadveld op een voor bijen ontoegankelijke plaats, of zelfs zonder beschutting.
Peen.
Nu we het toch over honinggevende gewassen hebben, maken we er onze imkers op attent, dat er op zaadpeen ook veel honing kan worden gewonnen. De peen behoort tot de familie der schermbloemigen, waarvan er enkele ook als goede honinggeefsters bekend staan (Bereklauw).
Wij ontvingen in 1943 uit Limburg van een imker een potje van die peenhoning ter kennismaking en hij schreef erbij, dat de honing niet lekker was. Nu zijn smaken verschillend en men zegt zelfs, dat er niet over te twisten valt. De honing, welke ik kreeg, was naar mijn smaak wel lekker en hield het midden tusschen heidehoning en boekweithoning. De kleur was in gekristalliseerde vorm echter niet fraai (ongeveer als mosterd). In ieder geval we weten, dat er op peenbloesem honing te winnen is en zelfs zeer veel. Waar een veld peen staat voor zaadwinning, zal men dus goed doen dit gewas niet te verzuimen. Ook in Zeeland wordt nogal eens peenzaad gewonnen en ook daar vindt men de honing niet lekker en voert hem gaarne weer aan de bijen op. Zoo kieskeurig als de Limburgers en Zeeuwen blijkbaar zijn, ben ik niet, en als men soms niet al te ver van Amersfoort een veldje zaadpeen weet .... het is maar een vraag!
Ledenlijsten, quotum, jaarverslagen.
Van enkele Afdeelingen ontbreken nog de ledenlijsten, het quotum en de jaarverslagen. Wij verzoeken nu met de zending spoed te betrachten, vooral ook met het oog op de suikerlevering welke - zooals men weet — niet uitgevoerd mag worden voordat een en ander in orde is.
Het Mededeelingenblad
kunnen wij helaas slechts zenden aan onze Secretarissen, die echter verplicht zijn het door te geven aan den Afdeelingsvoorzitter en leden van het Bestuur, omdat wij slechts een beperkte hoeveelheid van dat blad mogen laten drukken. Aanvragen om meerdere exemplaren moeten wij dus terzijde leggen. Waar mogelijk vermenigvuldige men echter hetgeen voor de leden van belang is en zende dit aan hen toe. Na inzending van een exemplaar plus quitantie wordt door de Vereeniging 50 procent van de kosten vergoed.
Decemberlijst bijenhouders 1943.
Secretarissen, die nog in gebreke zijn gebleven ons de verlangde lijst te zenden, worden hierbij opgewekt ons die spoedig te studen. Wij zullen haar dan aan het Bedrijfschap voor Pluimvee en Eieren doen toekomen, opdat de Afdeeling nog in aanmerking kan komen voor suiker.
Naar koolzaad en boomgaarden.
Enkele Secretarissen gaven ons op waar koolzaad is uitgezaaid en sommigen daarvan deelden ons mede, dat er nog een aantal bijenvolken kon worden geplaatst van imkers buiten de betreffende Afdeeling. Hetzelfde geldt voor boomgaarden." Eventueele gegadigden kunnen zich tot het Algemeen Secretariaat wenden. Het aantal beschikbare plaatsen is echter gering.
Practische lessen en excursies zomer 1944
Mogen wij de Afdeelingen waaraan wij formulieren voor aanvrage Proeflessen en excursies zonden verzoeken met de terugzending spoed te betrachten? De aanvrage om sub- sidie moet verzonden worden.
Verslagen en declaraties winterlezingen.
Wil men er aan denken, dat deze bescheiden direct na het houden van de lezing bij het Alg. Secretariaat moeten binnenkomen?
Cursussen bijenteelt winter 1943- '44.
Wil men er ook aan denken, dat Verslagen, Rekeningen en Verantwoordingen en de bijbehoorende quitanties (dus ook voor honorarium en reiskosten) direct na beëindiging van den cursus aan den Alg. Secretaris worden toegezonden?
Wat de Fruittelerscursussen betreffen, de bescheiden enz. moeten eveneens vóór half April bij het Alg. Secretariaat zijn binnengekomen.
Aanvragen om briefpapier en enveloppen, fietsbanden enz.
kunnen wij helaas niet accepteeren. Men doet het beste zich voor die zaken te wenden tot het Bedrijfschap voor Pluimvee en Eieren, Utrechtscheweg 298 te de Bilt (Utr.).
Het nieuwe bijenjaar vangt aan.
Nu binnenkort onze bijtjes weer regelmatig gaan uitvliegen en het met hun winterrust gedaan is, zal men zich moeten beraden wat men dit jaar wil bereiken. Wilt ge vermeerderen of U slechts op honingwinst toeleggen ? Als men het eerste wil, dan mag men wel bedenken, dat er steeds een onbekende factor blijft bestaan en dat is de suikerkwestie. Hebben we tot nog toe steeds suiker gehad, wij kunnen natuurlijk niet garandeeren, dat dit steeds zoo zal blijven. Bovendien zijn bijenwoningen enz. moeilijk te bekomen.
Wil men zich op honingwinst toeleggen, dan zal men er voor dienen te zorgen, dat de volken op het juiste tijdstip beschikken overeen maximaal aantal vliegbijen, terwijl vanzelfsprekend elke zwermdrift dient te worden uitgebannen. Hoe dat alles moet gebeuren kan men het beste opslaan in een goed handboek, dat men gratis kan leenen uit onze bibliotheek of - als ze er nog zijn — zich kan aanschaffen.
We kunnen hier slechts enkele tips geven.
Om de nauwkeurigheid van de imkers aan te wakkeren en gaande te houden, is het dienstig om geregelde bijeenkomsten te houden op de bijenstanden van de leden. Als men kleine prijsjes verbindt aan het goed beheeren van de stand, dan wakkert dit de ijver nog meer aan.
Op verschillende bijenstanden heerscht nog niet die orde en netheid welke zoo broodnoodig is. Ook deze eigenschap wordt aangewakkerd door regelmatig standbezoek, want wie wil imkers op zijn stand ontvangen, wanneer de zaak niet in orde is?
Klamp eens een bijenteeltonderwijzer aan en vraag hem voorlichting en medewerking.
Geef U rekenschap van de drachtgebieden in Uw gemeente en de onmiddellijke omgeving en wek elkaar op met de bijen te gaan reizen naar de drachtvelden indien het bij U schraalhans keukenmeester is. Laat geen droppel nectar verloren gaan.
Imkersgroet,
wnd. secretaris JOUSTRA.