Gouda
De kaart van Blaeu (1649)
 
Stadhuis Gouda
 
Blik op de markt
van Gouda

Gouda is rond 1100 ontstaan aan de andere zijde van de Hollandsche IJssel op de plek waar het veenstroompje de Gouwe uitmondde in de rivier. Door de gunstige ligging aan het water tussen Holland en de Zuidelijke Nederlanden kwam Gouda snel tot ontwikkeling. In 1272 werd de status van Gouda bevestigd door toekenning van stadsrechten. Ook in de eeuwen daarna bleef water een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van Gouda. De welvaart van Gouda was in belangrijke mate gebaseerd op de scheepvaart. Schepen uit het noorden op weg naar Vlaanderen en Frankrijk moesten dwars door Gouda heen. Deze schepen passeerden samen met het scheepvaartverkeer uit de tegengestelde richting de twee belangrijkste watergangen - de Haven en de Gouwe. Het verkeer kwam samen in de Donkere Sluis. De Donkere Sluis, een schutsluis, scheidt de Haven van de Gouwe.

Vaak kostte het schippers dagen om Gouda te passeren. De Goudse middenstand profiteerde hiervan. Een alternatief over binnenwateren hadden de schippers niet en die situatie werd zo lang mogelijk in stand gehouden door de stad. Om iets te doen aan de verstoppingen in de grachten werd in 1577 de Turfsingel om de binnenstad gelegd met de Mallegatsluis als toegang tot de rivier. In 1795 werd de verplichting om door Gouda te varen toch afgeschaft: schippers hadden nu de keuze tussen vaarwegen over Leidschendam en Gouda. Voor Gouda had dit tot gevolg dat het belang van de stad als havenstad aanzienlijk afnam. Belangrijkste redenen waren de slechte bevaarbaarheid van de IJssel en de lange wachttijden in de stad. Gouda verloor haar positie als handelsstad, waardoor de bier- en lakenindustrie verdween. In plaats daarvan kwam de pijpenindustrie. Halverwege de 19e eeuw werden de stadsmuren van Gouda afgebroken en vond een flinke groei van de stad plaats.

Ga omhoog

 

Ga terug